Spring naar de content
bron: Gabriël Kousbroek

Help! De populisten rammelen aan de poorten

De Europese verkiezingen worden in Nederland over precies een week gehouden. Hans Haversmid volgt de campagne vanaf het begin ervan. Deze week sprak onze freelance correspondent in een obscuur café af met ene Louis Aliot, voorman van de uiterst-rechtse Franse Rassemblement National.

Gepubliceerd op: Geplaatst in de volgende categorieën:
Geschreven door: Hans Haversmid

Op dwingend advies van Tom Kellerhuis, mijn broodheer en hoofdredacteur, ging ik op zoek naar het populistische geluid in de Europese Unie. Het heeft er veel van weg dat de populisten volgende week een enorme klapper zullen maken: een veelkoppig monster met Salvini, Farage en Le Pen. En wat te denken van Baudet? De ‘zolderkamergeleerde’ werd besmeurd door Mark Rutte, waarmee hij de schrijver van De Aanval op de Natiestaat tot zijn gelijke heeft gebombardeerd. Dommer kan niet.

Dan heb ik Orbán, Salvini en de Poolse conservatieven nog niet eens genoemd. De geïnformeerde lezer snapt dat het twee voor twaalf is: het Europarlement, een institutie met een verleden dat zo roemrucht is, dat het daarom zowel in Straatsburg als in Brussel is gevestigd, balanceert op de rand van de afgrond.

Als verslaggever moet je je angsten confronteren; zodoende maakte ik een afspraak met de leider van de Franse Rassemblement National (RN), ene Louis Aliot. Een gesprek waar ik tegenaan hikte. Wat moet je vragen aan een politicus die met de Europese Unie alleen maar slechts van plan is? Volgens de Franse krant Le Monde blonk de uiterst-rechtse partij vooral uit in nietsdoen. Dat kan ik bevestigen, want ik had hem nog nooit ontmoet. En dat terwijl hij al ruim een decennium in Brussel zou moeten werken. Een verwarrende situatie die om opheldering vraagt.

Tot overmaat van ramp hadden we afgesproken in het beruchte Sint-Jans-Molenbeek, waar de aanslagen van 2017 nog altijd nagalmen. Ik wachtte in een afgelegen barretje, dat slechts werd bevolkt door twee krasloten krassende Belgen, met gebitten waar een tijd lang geen tandarts aan te pas was gekomen. Nadat ik een uur naar dit gezelschap had gekeken, en zelfs al drie keer mijn twitterpagina had ververst, kwam ik tot een pijnlijke conclusie: de leider van de RN heeft geen respect voor een hardwerkende correspondent.

Toen hij ten slotte aankwam, aangeschoten en verveeld, vertelde hij me in een paar korte zinnen – hij sprak Frans met een zuidelijk accent – dat het Parlement een mijnenveld is zonder mijnen. Een uitspraak die filosofisch aandeed, maar na afloop van het gesprek toch vooral aan gebakken lucht deed denken. Hij nipte tevreden van zijn tweede pastis, en zei toen dat ik onderdeel was van het probleem. Ja, me dunkt. Wat zou er gebeuren als dit soort types de macht grijpen? Je moet er niet aan denken.

De democratie is een groot ritueel, zei hij vervolgens. Ik noteerde het maar, uit plichtsbesef. Iedereen weet toch dat dit soort types niets voor mekaar krijgen, en toch blijven ze er maar op stemmen. Het liefst had ik een diepere inkijk in de ziel van de populist gegeven, maar veel verder dan deze uitspraken kreeg ik hem niet.

Tobbend liep ik terug in de richting van het Europese kwartier, waar een bijeenkomst was van de Liberalen. Ik herinnerde me de woorden van Guy Verhofstadt, de liberaal die van mening is dat een EU zonder eigen regering reddeloos verloren is. De enige oplossing is een machtiger Europees Parlement, vindt Guy. Daar was ik altijd voor geweest, maar nu zag ik toch ook de charme van de huidige Brusselse structuren, en al hun wolligheid en het gebrek aan transparantie.

Als die anti-Europese partijen totaal geen ontzag hebben voor het project, wat heb je er dan aan? Ze komen niets brengen, en alleen maar halen. Gelukkig heeft het Parlement amper invloed: de kiezer mag wel op de eurosceptici stemmen, maar ze kunnen niet aan de knoppen draaien.

Volg Hans Haversmid ook op Twitter.