Vincent Mentzel

Vincent Mentzel (1945, Hoogkarspel) is fotojournalist. Hij is deze week 65 jaar geworden. Na ruim veertig jaar stopt hij per 1 oktober bij zijn werkgever, NRC Handelsblad.

Wat is uw huidige gemoedstoestand?

Een beetje opgewonden. Ik vond het vervelend toen het moment van stoppen bij NRC Handelsblad steeds dichterbij kwam, maar nieuwe wegen inslaan is ook goed. Eén daarvan is dat mijn fotoarchief naar hetRijksmuseum gaat. Rembrandten ik hangen samen in hetzelf-de gebouw – om euforisch vante worden. Ook wil ik een tentoonstelling en een boek maken. Ik zal me niet vervelen. Ik heb een dochter van elf en een jonge vrouw die nog zo lang mogelijk willen dat ik leuke dingen met hen doe.

Aan wie ergert u zich?

Aan mezelf, op dagen dat ik met het verkeerde been uit bed ben gestapt.

Wie zijn uw helden?

Paul Huf en Ed van der Elsken. Joop den Uyl en Ruud Lubbers.

Lijkt u op uw moeder?

Zij was erg recht voor z’n raap. Een sociaal-democraat die enorm rechtlijnig dacht. Wat dat betreft én qua normen en waarden lijk ik erg op haar.

Bent u aantrekkelijk?

Ik geloof van niet. Maar ik probeer me netjes aan te kleden, zodat mensen niet denken: wat een lulletje rozenwater.

Bidt u weleens?

Mijn vader was predikant. Vrijzinnig-hervormd. Ik ben niet opgevoed met verplicht naar de kerk gaan. Alle verschillende religies intrigeren mij zeer. Als mijn vader bad aan tafel, vond ik dat heel spannend. Ik deed dan wel mee. Nu doe ik soms een schietgebedje, verder niets.

Bent u monogaam?

Ja. Zeker sinds ik een vrouw en dochter heb. Ik kan warmlopen voor de andere sekse en ben gevoelig voor vleierij, maar doe daar niets mee.

Wat is uw definitie van geluk?

Momenten met mijn gezin of met vrienden waarop we ons een eenheid voelen en zouden willen dat tijd niet bestond.


Wanneer heeft u voor het laatst gehuild?

Vorige week. Ik moest opeens aan mijn ouders denken en de momenten die ik nog graag met ze had willen delen. Zoals mijn vertrek bij de krant. Vervolgens dacht ik aan mijn eigen dochter en de dingen die ik in haar leven niet meer mee zal maken. Ik werd toen even emotioneel en mijn vrouw legde heel lief haar arm om me heen.

Lijkt u op uw vrienden?

Ik heb drie of vier echt goede vrienden bij wie ik om vier uur ’s nachts zou kunnen aanbellen als ik ergens mee zit. En zij bij mij. Op emotioneel gebied lijken we wel op elkaar.

Als u iets aan uzelf zou kunnen veranderen, wat zou dat dan zijn?

Dat ik soms ongenuanceerd driftig kan zijn over iets waarvan ik later denk: het was het niet waard. Daarnaast zou ik graag een verjongingspil willen nemen.

Heeft u ooit een mystieke ervaring gehad?

In 1980 in Tibet. Iets buiten Lhasa kwam ik een klooster binnen waar een vriendelijke oude monnik zat die met mij begon te praten. We hebben heel lang met elkaar gesproken en we begrepen elkaar. Ondanks het feit dat ik alleen Nederlands had gesproken en hij Tibetaans.

Wie is uw grootste liefde?

Mijn dochter. Maar samen met mijn vrouw zijn we wel echt een drie-eenheid.

Hoe moedig bent u?

In mijn werk heb ik het vaak meegemaakt: wegkijken als ik eigenlijk had moeten ingrijpen. Mijn camera is dan mijn redding. Daar kan ik me achter verschuilen. Ik ben net zo’n lafbek als ieder ander.

Welke eigenschap waardeert u in een man?

Galantheid en openheid. Ik heb een hekel aan boerse types die totaal niet geïnteresseerd zijn in een ander. Aan een lichaamshouding kun je vaak al veel aflezen.


Welke eigenschap waardeert u in een vrouw?

Ik hou van krachtige, vrouwelijke vrouwen. Warme en sterke persoonlijkheden. Je voelt het direct als zo iemand binnenkomt, met een bepaalde waardigheid. Hoofd omhoog, tieten vooruit.

Wat is uw grootste ondeugd?

Ik werk altijd. Ben constant bezig. Dat heb ik van mijn moeder. Van haar moest tijd altijd nuttig worden besteed. Ik merk dat ik dat nu ook op mijn dochter projecteer als zij voor de tv hangt.

Wat is uw dierbaarste bezit?

Mijn kunstcollectie. Een deel ervan heb ik van mijn ouders gekregen. Het heeft voor mij vooral een grote emotionele waarde.

Wat is uw grootste prestatie?

Op werkgebied dat ik mijn fotoarchief de afgelopen veertig jaar niet heb laten verslonzen en het nu in zijn geheel in de kelder van het Rijksmuseum staat.

Gelooft u in God?

Nee. Ik geloof wel dat er iets ongrijpbaars is en dat andere mensen oprecht in iets geloven. Maar ik ben er van overtuigd dat er na de dood niets meer is.

Welk leed heeft u anderen berokkend?

Ik heb mensen in de relationele sfeer weleens nare gevoelens gegeven door mijn egoïstische en egocentrische gedrag.

Wie hoopt u nooit meer terug te zien?

Ik ben een gelukkig mens en heb altijd interessante mensen ontmoet, ook al dacht ik achteraf bij een enkeling: die hoef ik nooit meer terug te zien.

Wat is de beste plek om te wonen?

Rotterdam.

Hoe is ongeluk te vermijden?

Goed over je schouder kijken en luisteren naar je intuïtie.

Wat is uw devies?

Moedig voorwaarts.

Ernest Marx