Loze verkiezingen

Afgelopen week koos Elsevier Mark Rutte tot Nederlander van het Jaar 2011. Een week daarvoor nam HP/De Tijd daarop een voorschot door ook met een verkiezing te komen, met – hoe verrassend – een winnaar aan de andere kant van het politieke spectrum: Emile Roemer. Die actie werd door menigeen gezien als een vorm van ‘landjepik’, want het is Elsevier dat in 2004 deze traditie van het Amerikaanse Time Magazine naar Nederland haalde.

Daarnaast was er de vraag of de verkiezing van de Nederlander van het jaar niet te veel overlap vertoont met die van de politicus van het jaar. Zou het niet beter zijn als de Nederlander van het jaar geen politicus zou zijn? Bij De Wereld Draait Door werd gepleit voor de wetenschapper Robbert Dijkgraaf. Anderen noemden Johan Cruijff, die – of je nu voor of tegen hem bent – toch het nieuws heeft weten te bepalen.

Bij Elsevier was de Nederlander van het jaar inderdaad een paar keer een politicus. Vorig jaar verkoos het blad zelfs de politicus in het algemeen tot Nederlander van het jaar. Een sympathieke keuze, maar wel een die afbreuk deed aan het idee van de verkiezing. Ook bij het begin van de traditie, in 2004, koos Elsevier een politicus, Ayaan Hirsi Ali. In datzelfde jaar koos de parlementaire pers André Rouvoet tot politicus van het jaar en bij het 2 Vandaag-panel werd het Wouter Bos.

Bos komt trouwens de eer toe door TweeVandaag twee keer tot politicus van het jaar te zijn verkozen. Waaronder in 2008, toen hij ook de keuze was van de parlementaire pers én door Elsevier tot Nederlander van het jaar werd gebombardeerd. 2008 was het jaar van de bankencrisis, en Bos dwong respect af door zijn krachtdadig optreden. Deze week lichtte hij dat nog eens toe voor de parlementaire enqutecommissie. Een prima optreden, waaruit volgens mij maar weer eens bleek dat Bos helemaal niet uit Den Haag had willen vertrekken.

In het licht van de bankencrisis van 2008 is het aardig om te constateren dat Elsevier in 2005 Rijkman Groenink van ABN Amro nog uitriep als Nederlander van het Jaar, vanwege de overname van de Italiaanse bank Antonveneta!


Het geeft maar weer eens de betrekkelijkheid van zo’n verkiezing aan, en tevens het vluchtige van de politiek: het ene jaar scoor je op alle fronten, ruim een jaar later valt het kabinet en ben je exit.

Opmerkelijke winnaars bij Elsevier zijn die van 2007 en 2009, respectievelijk Joop van den Ende en Linda de Mol. Al zijn hun verdiensten onbetwist, niemand die nog weet waarom zij zo bepalend waren voor die jaren.

Al met al levert de verkiezing van de Nederlander van het jaar een warrig beeld op. Een instituut vergelijkbaar met dat van Time is het daardoor niet geworden.

De verkiezing van de políticus van het jaar kent echter al een veel langere geschiedenis. En hier heeft HP/De Tijd wel de oudste rechten. De Tijd organiseerde die verkiezing immers van 1973 tot 1986. Vijf jaar op rij won Joop den Uyl, en daarna nogmaals in 1980 en 1982. Ruud Lubbers won in 1979, 1983 en 1985. En in 1986 won op de valreep Wim Kok.

Het duurde vervolgens tot 1990 dat HP/De Tijd de verkiezing weer organiseerde, met Thijs Wöltgens als winnaar. In 1995 en 1997 nam RTL het stokje over, en sinds 2003 is de NOS met Radio 1 leverancier van de politicus van het jaar. Aanvankelijk werd daarvoor alleen de parlementaire pers bevraagd; later ook Kamerleden. In 2004 zette TweeVandaag daar een publiekspanel tegenover, een traditie die is overgenomen door EenVandaag. Een opvallend verschil zien we in 2005, als de pers Piet Hein Donner kiest en het publiekspanel Rita Verdonk. En terwijl de journalisten in 2007 Wilders al aanwijzen, kiest het publiek dan wederom Verdonk.

De vraag is dus gerechtvaardigd wat al deze verkiezingen – die van de kranten nog buiten beschouwing gelaten – eigenlijk zeggen. Een verkiezing van Kees van der Staaij zou voor 2011 een terechte uitkomst zijn, maar ja, dat zal wel niet gebeuren.