Cher Michel Platini

Michiel Platini uefa frankrijk ek2012

Amice,

Gisteren, tijdens de wedstrijd Spanje-Italië, bladerde ik door Mendelssohn op het dak, een roman van Jiri Weil.

In dat boek krijgt een Duitse officier de opdracht om het beeld van de joodse componist Mendelssohn van het dak van het Praagse Raadhuis te verwijderen. Er is echter één probleem: niemand lijkt te weten welk beeld Mendelssohn moet voorstellen.

Het scheelt niet veel of ze trekken het hoofd van Richard Wagner naar de grond.

Weils boek toont met een ijzige terloopsheid de willekeur van de oorlog, de onvoorstelbare eenvoud van de redeneringen van hen die zich in een oorlog bevinden en de gruwel, de vernietiging die als een zware onweerswolk boven de levens van de hoofdpersonen hangt. En vooral: het verschroeiende pragmatisme dat het allemaal faciliteert.

U bent de baas van een sportbond, een club die zich bezighoudt met het organiseren van commercieel aantrekkelijke vrolijkheid. U bent tegen racisme, u bent tegen ongelijkheid, tegen geweld, tegen corruptie en tegen al het andere dat in het Praag van 1939 dagelijkse praktijk was. Daar ga ik tenminste voor het gemak maar even vanuit. U lijkt me niet achterlijk, en kwaadwillend ook al niet.

Toch kondigde u vorige week aan dat donkere voetballers niet van het veld mogen lopen als ze worden uitgejouwd als apen in een aftandse Oostblok-dierentuin. Schelden doet geen pijn, en een banaan op je hoofd (want inventief zijn ze wel, de racisten) ook niet echt. Pas als de scheidsrechter de beledigingen als ‘te kwetsend’ ervaart, is de vernedering voldoende geweest en wordt de wedstrijd onderbroken, waarschijnlijk tot de bananen op zijn.

Tot die tijd staat er op het verlaten van het veld bij racisme de straf van een gele kaart. Waarschuwing: voor jezelf en alle andere mensen met verstand opkomen wordt afgestraft.

Een paar dagen geleden zag ik op televisie hoe Mario Balotelli in Auschwitz op een oud stuk rails zat en ademloos luisterde naar de gids die hem en zijn ploeggenoten gedetailleerd enkele dieptepunten uit de geschiedenis van de mensheid uit de doeken deed. Balotelli, opgetrokken uit 190 centimeter talent en getiktheid en met een kapsel in de vorm van een banaan, zat daar maar. En luisterde. En zweeg.

Een dag eerder had hij aangekondigd degene die hem uit zou schelden om zijn huidskleur zou vermoorden. Bij iedere andere voetballer zou je dat een metaforische uitspraak noemen.

Daar, in Auschwitz, leek hij zich even bewust van de kracht van zijn woorden. Heel even begroef hij zijn grote, boze gezicht in de schouder van Wesley Sneijder, alsof het onbevattelijke hem opeens volledig duidelijk werd.

Zolang hij niemand ombrengt, heeft Balotelli het gelijk aan zijn zijde, monsieur Platini. Hij treedt op in uw Arena, hij is de gladiator, het publiek mag joelen en u mag uw duim naar believen omhoog of naar beneden doen.

In uw UEFA-utopie is er geen racisme, geen Julia Timoesjenko en geen doodgeknuppelde zwerfhond. Naïviteit is een recht, en van dat recht maakt u met overgave gebruik. Laat u dan ook Balotelli of welke andere donkere speler op dit toernooi dan ook gebruik maken van het recht om barstjes te meppen in uw utopische universumpje.

Uw opgestoken duim is geen argument, uw leiderschap is leeg en zinloos omdat u gelooft in de god van het pragmatisme. Pragmatici brengen geen verandering, zij houden de bestaande situatie in stand omdat dat nu eenmaal het meest praktisch is. U bent de ceremoniemeester op een bruiloft die weigert in te grijpen als een dronken oom de microfoon grijpt. Het enige wat u zult doen, is de kinderen op de eerste rij tot stilte manen.

Een gele kaart…

Gisteren had u nog geluk, de bananen waren waarschijnlijk uitverkocht in Gdansk. Maar er komt een dag dat u zult moeten optreden, dat u de mannen die bezig zijn een beeld van zijn sokkel te trekken zult moeten tegenhouden, dat u een daad zult moeten stellen.

Tot die tijd kunt u zich inlezen in hoe dat moet. Begin gerust met Jiri Weil.

Hoogachtend,

Frank Heinen


Reacties zijn gesloten.