Het broeikaseffect kan niet langer wachten, sociale zekerheid wel

Als we over geldzaken praten, wordt er vaak een vergelijking getrokken tussen onze houding tegenover onze financiële toekomst en die tegenover het milieu; ik heb me er zelf ook schuldig aan gemaakt.

Ik heb er ook op gewezen dat het toch vreemd is dat heel wat mensen zich druk maken over de sociale zekerheid op de lange termijn – zal er nog geld zijn voor uitkeringen in het jaar 2037? – terwijl ze zich aan de andere kant niets lijken aan te trekken van de situatie waarin het klimaat zich tegen die tijd zal bevinden. Terwijl het om maar een voorbeeld te noemen, maar al te waarschijnlijk is dat er dan in het zuidwesten een permanente droogte zal heersen.

Kun je die parallel ook omdraaien en zeggen dat liberalen die bezorgd zijn over de toekomst van het milieu zich net zoveel zorgen zouden moeten maken over onze financiële vooruitzichten? Tom Friedman, columnist voor de New York Times, schreef laatst dat hij vond van wel. Ik ben het niet met hem eens.

Klimaatverandering
Laten we het eerst hebben over de klimaatveranderingen. Er zijn veel weldenkende mensen ongerust, nee zelfs ontzet over het gebrek aan actie met betrekking tot broeikasgassen; en ze hebben daar helemaal gelijk in.

Maar waarom dan? Waarom gaan we er niet gewoon vanuit dat we, als de klimaatveranderingen niet meer te ontkennen zijn, wel zullen doen wat we moeten doen? Het antwoord is in de eerste plaats dat er, ieder jaar dat we niks doen, min of meer onherstelbare natuurkundige veranderingen worden veroorzaakt. Jaarlijks pompen we zo’n 35 miljard ton kooldioxide de lucht in; dat spul blijft een heel lange tijd in de atmosfeer en zal nog langer consequenties met zich meedragen, zoals opwarming en verhoging van het waterpeil in de zee.

Dus elk jaar dat wij geen actie ondernemen, heeft een direct effect op de toekomst. Er zit ook een financiële kant aan: zolang wij de juiste stimulans niet geven, stoppen de mensen geld in de verkeerde vormen van technologie zoals kerncentrales op kolen. En ook deze keuzes hebben een direct gevolg voor de wereld van de toekomst.

Sociale zekerheid
En nu de vraag: heeft het debat over sociale zekerheid net zulke gevolgen voor later? Er zijn duidelijk geen natuurkundige veranderingen mee gemoeid. Je zou kunnen zeggen dat we geld opzij hadden kunnen leggen voor de kosten die nog komen gaan of dat de regering reserves had kunnen aanleggen toen de tijd daar gunstig voor was- dan zouden we nu misschien minder belasting hoeven te heffen en de problemen die dat met zich mee brengt, hebben voorkomen.

Precies dit was de reden dat ik en mensen als ik extra overheidsgeld wilden reserveren voor de sociale zekerheid. Maar dat is niet gebeurd; President George W. Bush verspilde het aan belastingvoordeeltjes en oorlogen die niet gevoerd hadden moeten worden (waarbij hij, een paar uitzonderingen daargelaten, luid werd aangemoedigd door dezelfde mensen die nu met een stalen gezicht verkondigen dat de uitkeringen naar beneden moeten).

De tijd van de babyboomers is nu voorbij en voor zover ik weet, dringen de politici die zo’n grote mond hebben over het begrotingstekort nu niet aan op een extra inspanning om de schuld de komende jaren naar beneden te brengen.

In plaats daarvan willen ze een geleidelijke verhoging van de pensioenleeftijd en een andere berekening van de toelagen en uitkeringen. Zaken, dus, die de uitgaven in de toekomst zullen beïnvloeden, niet nu direct. Met andere woorden: ze proberen niet echt iets aan de schulden te doen, ze proberen ervoor te zorgen dat we nu geen last hebben van de bezuinigingen die we later sowieso moeten doorvoeren. En ze vragen zich geen moment af, voor zover ik kan zien, waarom het belangrijk is die maatregelen nu te nemen.

Geen uitgemaakte zaak
Maar denk er eens over na; laten we de sociale voorzieningen als voorbeeld nemen, al gaat de zelfde redenering op voor andere maatregelen. Het lijkt waarschijnlijk dat we op een gegeven moment de uitkeringen naar beneden moeten brengen of de belastingen moeten verhogen. Dus wat er dreigt, als je het zo wil zeggen, is dat in de toekomst de uitkeringen niet zullen voldoen aan de verwachtingen die de mensen nu hebben. Om deze dreiging op te heffen, vinden ‘de deskundigen’ dat we de sociale voorzieningen langzaam moeten uitkleden. Dus: om ons te wapenen tegen verlaging van de uitkeringen in de toekomst, moeten we….de uitkeringen in de toekomst verlagen. Huh?

Okay, je kunt een paar argumenten bedenken waarom deze redenering niet zo vreemd is: misschien kan de overgang soepeler verlopen en hoeft er, als het geld op is, niet zo’n val in de uitkeringen te zijn als het proces geleidelijker verloopt. Maar dat is niet echt het belangrijkste punt in de hele discussie: het gaat hier niet om het handhaven van het uitkeringsniveau, maar slechts over het minder dramatisch laten verlopen van de afbouw. En aangezien we helemaal niet weten hoe de wereld er over 25 jaar uit zal zien, kan het best zijn dat we nu vast een offer van mensen vragen door uitkeringen te verlagen die uiteindelijk misschien wel betaalbaar zouden blijken.

Het punt is dat je heel goed zou kunnen beredeneren dat het sociale stelsel wel op zijn pootjes terecht zal komen. Het is geen uitgemaakte zaak, maar er is heel weinig reden om nu zo’n haast te maken, terwijl het vergiftigen van het milieu met kooldioxide wel zo snel mogelijk gestopt moet worden.