Rutte moet zaken doen met Wilders

Het volk heeft gesproken, of we het ermee eens zijn of niet. Dus dat kabinet-Rutte moet er komen. De grootste partij uit de verkiezingen zal zaken moeten doen met een andere winnaar, de PVV van Geert Wilders, en het met die club eens durven te worden. Dúrven, want de kritiek van zo’n alliantie zal niet beperkt blijven tot een werkgeversvoorzitter die ‘verbijsterd’ is of tot de rest van Europa dat met de komst van Wilders het imago aangetast denkt te zien worden van het eens zo tolerante Holland.

De hand die naar Wilders uitgereikt moet worden, dient vooral om die ruim een miljoen PVV-stemmers nu eens te laten zien op wie en wat zij hebben gestemd. Dat de PVV het breekpunt van de AOW binnen een etmaal na de verkiezingsuitslag loslaat, is niet meteen op te vatten als kiezersbedrog maar menig PVV’er zal hierbij toch de wenkbrauwen hebben gefronst: wat zijn Geerts woorden eigenlijk waard? Zal hij nog reppen van ‘kopvoddentax’ en zich nog beijveren voor het ‘door de knieën schieten’ van bepaalde criminelen? Of tempert hij als drager van regeringsverantwoordelijkheid zijn woorden en ideeën, en dreigt op den duur dan niet het gevaar dat de PVV een gewone partij wordt en net zo goed meteen op kan gaan in de VVD? Andere vragen: welke ministers schuift hij naar voren, hoe bekwaam zijn die of vechten zij elkaar in no time de kiet uit?

We gaan het zien, en misschien valt die PVV reuze mee. Maar het kabinet Rutte kan ook een reprise worden van Balkenende-I, dat door de LPF-deelname binnen het jaar ten onder ging. Kan ons land dat risico lopen, juist in deze onzekere en moeilijke economische tijden, kan het zich een PVV-experiment permitteren? Te vrezen valt dat er weinig anders opzit, want de gevestigde partijen hebben de onlustgevoelens van al die PVV-stemmers kennelijk niet of onvoldoende weten in te kapselen. En je kunt niet meer beweren dat de tijd daarvoor te kort is geweest, want de onvrede bestaat al sinds Paars-2, dus vanaf midden jaren negentig, en sinds Pim Fortuyn. CDA, PvdA, VVD. D66 en GroenLinks mogen het zich aanrekenen dat ze de stem van een deel van het volk onvoldoende hebben verstaan.

Electorale ravage
Eigenlijk is dat een schande, want een politieke partij bestaat bij de gratie van wat de mensen in het land willen. En is het nu helemaal zo gek dat burgers verlangen dat criminelen harder gestraft worden, dat nieuwkomers zich gedragen? Was daar echt geen aansprekend christendemocratisch, sociaaldemocratisch of liberaal antwoord op te bedenken? Ik denk het wel, maar als het niet is nagelaten dan is het wel ondergesneeuwd door een gebrek aan moed om de problemen te benoemen en aan te pakken.

De gevestigde partijen mogen de thans aangerichte electorale ravage nu ook weer mooi zelf opruimen. De VVD mag beginnen, en het is betreurenswaardig dat de nummer twee van 9 juni, de PvdA, niet meewerkt omdat die partij onder geen beding wil regeren met de in haar ogen verderfelijke opvattingen van Wilders. Gesteld dat Rutte en Wilders, ooit werkten ze nauw samen in de VVD-fractie, het eens worden over een pakket maatregelen, dan kan Rutte nu niets anders meer dan het CDA erbij te halen. Het CDA is de grote verliezer en zal niet staan te popelen om het kabinet van Mark Rutte aan de smalst denkbare meerderheid (76 zetels) te helpen. Het alternatief van oppositie voeren, is voor de christendemocraten evenmin aanlokkelijk. De laatste keer dat het CDA niet meeregeerde was onder de Paarse kabinetten van Wim Kok (1994-2002), en dat was een weinig verheffende periode met veel intern gekrakeel over de koers en over het leiderschap. Daarbij zit het besturen CDA’ers in het bloed. Zij lopen nooit weg voor regeringsverantwoordelijkheid, durven vuile handen te maken, ook al is dat electoraal minder aantrekkelijk.

Smalle basis
Het kabinet-Rutte begint dus met een smalle basis, en dat is meestal een veeg teken. Maar Paars-plus, met VVD, PvdA, GroenLinks en D66, lijkt ook voorlopig geen reële optie, want de VVD zal in die coalitie fijngedrukt worden en de buiten de boot gehouden PVV zal zwelgen in het onrecht dat haar is aangedaan en intussen groeien als kool. In de aanloop naar de Provinciale Statenverkiezingen van 2011, zou Wilders dan wel eens ook de grootste kunnen worden in de Eerste Kamer. Dat is ook geen fijn vooruitzicht.

Onzekere tijden wachten ons, en intussen klamp ik mij maar vast aan wat Arnon Grunberg vanochtend schreef in de Volkskrant: “In een stabiele democratie is alles symbolisch, ook de onlustgevoelens van bange kiezers.”

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Frans van Deijl