Olleke Knikkebolleke

Eurocommissaris Olli Rehn kwam de Kamer bijpraten over het reddingsplan voor de Grieken. Ronald Plasterk spitste de oren.

Olli Rehn is bijna twintig minuten te laat als hij de Groen van Prinstererzaal betreedt. Gehaast ontdoet hij zich van zijn donkerblauwe jagersjas – wij wisten niet dat die nog gedragen werden – en geeft excuses mompelend de vier aanwezige Kamerleden een handje. Er is een goede reden voor de vertraging, zal Rehn later verklaren. Hij had net een telefonisch spoedoverlegje met de Griekse minister van Financiën, die in een ingewikkelde deal is verwikkeld met allerlei instellingen over kwijtschelding van de immense schulden. De Kamerleden grinniken begrijpend.

Olli heeft er geen zin in vandaag. Hij praat zacht en zit ver van de microfoon. Af en toe zucht hij nadrukkelijk. En dan dat Engels van hem, onvoorstelbaar. Rehn is van oorsprong een Fin, en die taal mengt sowieso niet lekker. Maar waarom spijkert niemand in zijn omgeving zo’n man een beetje bij of verzoekt hem vriendelijk – per slot van rekening is Rehn toch een visitekaartje van Europa – zich wat beter, vlotter en welbespraakter te presenteren?

Met de komst van Rehn zijn verwachtingen gewekt. De Griekse staatsschuld moet terug naar 120 procent van het bruto binnenlands product, zo is vorige week in Brussel afgesproken, maar de Grieken kunnen dat niet zonder extra steun van de andere eurolanden. Rehn meldt dat die hulp noodzakelijk is, maar iedereen weet dat de Nederlandse regering daar niet aan wil. Dus hoe zit dat, wil de Kamer weten. Het antwoord verliest ergens onderweg het spoor.

Nederland staat niet alleen in zijn weigerachtigheid. De meeste eurolanden vinden dat ze al genoeg hebben gedaan. De Duitsers willen dat Griekenland nog verder snijdt in zijn uitgaven, al bestaat de vrees dat de Griekse economie dan verder achteruitgaat en het land nog lastiger zijn financiën op orde krijgt. Het hoofd van de IMF-onderzoeksmissie in Athene, Poul Thomsen, heeft al gezegd dat het tempo van de bezuinigingen in Griekenland moet worden verlaagd en dat de Grieken meer werk moeten maken van hervorming van de economie. Hoe staat Rehn in die discussie, wil Jolanda Sap van GroenLinks weten. Het is een open, interessante vraag, want hoe lang kunnen we Griekenland Laten bloeden zonder dat de patiënt het bewustzijn of het leven verliest? Maar Rehn weet het ook niet, tenminste die indruk wekt hij, en Sap laat hem ermee wegkomen. Het onderhoud met de eurocommissaris heet een gesprek te zijn met een hoog bijpraatgehalte, en het is zeker niet de bedoeling dat het een ondervraging wordt. Saps voorganger zou daar ongetwijfeld maling aan hebben gehad en niet eerder hebben losgelaten dan nadat er tekst uit die man zou zijn gekomen. Desnoods peptalk.


Ronald Plasterk is een van de Kamerleden die bij het gesprek aanwezig zijn. De PvdA-man heeft een nieuwsgierige inborst. Voortdurend kijkt hij om zich heen, als een roofvogel op zoek naar prooi, maar er is nooit iets te bekennen. In de zaal zit iedereen braaf te luisteren of te knikkebollen, aan de perstafel zit het vol met journaille dat zich tegenwoordig kennelijk kleedt in driedelig blauw, en als Olli Rehn bezig is aan een van zijn onnavolgbare uitweidingen spitst Plasterk nu en dan de oren. Maar er valt geen onvertogen woord, en dan gaat dat koppie weer hangen en verschijnt er iets van teleurstelling op het gezicht van de volksvertegenwoordiger, die in een vorig leven als natuur-wetenschapper promoveerde op het genetisch onderzoek aan de platworm.

Zou Plasterk gelukkig zijn in Den Haag? Na zijn ministerschap en de voor de PvdA op een haar na verloren verkiezingen van 2010 nam hij plaats in de Tweede Kamer en besloot er te blijven. Daarmee sloot hij zijn carrière in de wetenschap definitief af. Een gewaagde stap, want het ministerschap is toch van een geheel ander intellectuele orde dan het Kamerlidmaatschap. Bovendien moest hij zich in korte tijd de portefeuille financiën eigen maken en brak vrijwel tegelijkertijd de eurocrisis uit. Los daarvan kreeg hij te maken met een fractieleider die niet geschikt bleek te zijn voor het vuile oppositiewerk. Eigenlijk is ook Plasterk geen type dat in de Kamer ijsballen gooit naar Geert Wilders of Maxime Verhagen. Altijd staat de inhoud voorop, zelfs als daarmee geen politiek gewin valt te behalen, en zelfs als daarmee dit onmogelijk geachte kabinet overeind wordt gehouden. Zie de coöperatieve houding van de PvdA inzake het pensioenakkoord en de eurocrisis, die door een straatjongen als Wilders natuurlijk meteen weer wordt uitgelegd als een houding die eerder is te verwachten bij een ‘gedoogpartij’.


Hoe graag Plasterk het deze middag met Olli Rehn ook zou willen, het draait niet om inhoud. Het is een beleefdheidsbezoek waarvan er wel meer worden afgelegd in de Tweede Kamer. Na afloop deelt Plasterk onze analyse, maar dat wil hij verder niet gezegd hebben.

We klampen ook nog even Mark Harbers aan van de VVD. Ook hem is het samenzijn met de eurocommissaris niet licht gevallen. “Maar ik kon me een beetje instellen op zijn manier van praten, omdat ik hem al eens eerder heb ontmoet,” verduidelijkt hij lachend.

Deze week praat de Kamer weer over Europa, in een symposium dat als titel ‘Staat van de Europese Unie’ heeft meegekregen. Inleider is Karel Lannoo, hoofd van het Centre for European Policy Studies in Brussel, en alom bekend als een kritische waarnemer van de ontwikkelingen in de Europese Unie. Behalve Lannoo zijn er nog een paar andere Europese vertegenwoordigers uitgenodigd die met een delegatie van Nederlandse parlementariërs in debat gaan. Olli Rehn zal er niet bij zijn, naar wij vurig hopen.

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Frans van Deijl