Cloud Atlas, Film versus Boek

Het was een onverfilmbaar verhaal, dat nu toch in de bioscopen draait. Cloud Atlas, als boek de hemel in geprezen, als film zowel geroemd als volledig afgekraakt. 

Een schande dat het boek is verfilmd en een genot om naar te kijken, Cloud Atlas blijkt een film waar mensen nogal een mening over hebben. Volgens Time is het de slechtste film van het jaar, volgens verscheidene filmblogs is het juist een geniaal project. Er is inmiddels al geschreven en gediscussieerd over de muziek van de film, over het design van de wapens, over mogelijk racisme in de casting en tot in detail over de verschillen tussen het boek en de film.

Ik las deze week het boek en zag de film, maar heb geen keiharde mening. Dat is jammer, want keiharde meningen zijn fijn en houden het leven overzichtelijk. Maar ik snap de critici en ik snap de fans. En daarom bij deze de voors en tegens van een film die al een van de cultfilms van het decennium wordt genoemd. Spoileralert voor als je echt niks wilt weten over de loop van boek of film.

Het boek
Cloud Atlas van de Britse schrijver David Mitchell kwam in 2004 uit en werd praktisch overal lyrisch ontvangen. Diep, ingenieus, knap. Het boek bestaat uit zes verhalen, elk in een andere tijd spelend en in een andere stijl geschreven. Het begint en eindigt in 1850, gaat tussendoor naar Brugge in 1931, Californië in 1975, het Engeland van nu, Seoul in 2140 en Hawaï ergens na de onvermijdelijke Apocalyps. Zes van de hoofdpersonen hebben een komeetvormige moedervlek en hier en daar vage herinneringen aan elkaars leven. Souls cross ages like clouds cross skies, aldus de achterflap van het boek.

Vijf sterren
Dus waarom is die film goed? Omdat-ie origineel is en spectaculair. De film wijkt af van het boek en heeft de zes verhalen in stukjes geknipt en door elkaar gehusseld. Op deze manier is veel duidelijker hoe levens met elkaar verwant zijn, ook omdat dezelfde acteurs in elk verhaal terugkomen. In een merkwaardige mix van tijd en ruimte vlieg je van een vergiftiging naar een ontsnapping naar een moordpoging en naar de volgende ontsnapping. Het is te veel om allemaal precies door te denken, en een kant-en-klaar plot krijg je niet, wat voor zo`n grote film (100 miljoen aan budget) verfrissend is en in lijn met het boek.

En niet onbelangrijk voor een film: hij is erg mooi. Tweeënhalf uur lang krijg je de prachtigste beelden voorgeschoteld, van een statig landhuis, een ouderwets schip, een vreselijke stad in de toekomst vol technische details en van een overtuigende postapocalyptische wereld. Dat is toch wat je wilt in het leven, en bij gebrek daaraan dan maar in een film; grootse beelden, een beetje kostuumdrama, een beetje liefde, spanning en een boot.

Eén ster
Je krijgt evenveel kans om met de karakters mee te leven als met mensen die voorbijrazen in een achtbaan, aldus Time. En inderdaad, probeer de film maar eens bij te houden. Tijden, verhaallijnen en karakters wisselen elkaar elke paar minuten af, je zapt door het verhaal dat niet eens een verhaal is. Een mooi idee, dat waarden en liefde tijd en sterfelijkheid overstijgen, dat een ziel reïncarneert. Maar soms heb je het idee dat je alleen maar naar mooie plaatjes kijkt waar de boodschap te dik bovenop is geplakt, terwijl het boek subtiel met de thema’s omgaat.

En als je het boek kent, zie je hoeveel er is weggelaten aan uitleg en opbouw. Het is een aangename illustratie, maar als je het niet hebt gelezen, krijg je wel héle korte flarden. Dat komt vooral pijnlijk naar voren in het redelijk briljante verhaal dat speelt in Neo Seoul. Het relaas van een bijzondere kloon is geminimaliseerd tot een liefdesplotje dat in het boek een zeer kleine rol speelt. Vragen van de vriend met wie ik de film keek, en die het boek niet kende: Wat is Soap? Hoe worden de klonen gemaakt? Hoe heeft Somni haar bewustzijn gekregen? Waar deed ze haar kennis op? Wat is Exultation? Dit stuk van het boek zou een volledige film op zich kunnen zijn, en deze collectie van dramatische scenes is gewoon zonde.

Ook jammer: dat dezelfde acteurs in elk verhaal spelen. Yep, daarnet noemde ik dat nog als positief punt en daar sta ik achter. Maar het heeft ook nadelen. Extreme schmink is er één. De ander is dat de acteur soms niet past bij de rol. Zo speelt Tom Hanks de verteller uit de 24ste (?) eeuw, terwijl die in het boek zo’n dertig jaar jonger is. De jonge geitenhoeder Zachry op Hawaï na de Apocalyps leert een antropologe kennen van een volledig andere stam. In het boek is dit een vijftiger die langzaam het vertrouwen wint van de jonge Zachry. In de film is het Halle Berry en worden de twee verliefd. Yuk.

Dus?
Ach ja, natuurlijk, het boek is beter. De verhalen zijn fantasierijk uitgewerkt en worden door Mitchell overtuigend verteld. Dat vond iedereen toen het boek uitkwam, dus dat is niet nieuw. De film wel. Broer en zus (of broer en broer) Wachowski (regisseurs van de Matrix films) hebben een aangename film afgeleverd. Vaag en rommelig en met een boodschap die er te dik bovenop ligt, maar wel episch. Mocht je naar de bioscoop gaan de komende weken en 2,5 uur de tijd hebben, dompel je dan toch maar onder in de zes levens van Tom Hanks en Halle Berry.

Meer leuke content? Like ons op Facebook