Spring naar de content
bron: ANP

Thaicoon (8+), eten bij NPO-baas Frans en zijn broer Pieter Jelles Klein

Omdat een mens toch eten moet, reserveerde ik voor mij en mijn gezelschap een tafeltje voor twee in Thaicoon, een restaurant aan het Beukenplein in Amsterdam.

Gepubliceerd op: Geplaatst in de volgende categorieën:
Geschreven door: Max Pam

Er zijn de laatste tijd in onze hoofdstad nogal wat Thaise etablissementen bijgekomen, maar die zijn niet allemaal van een passabele kwaliteit. Een goede aanleiding dus om zelf op inspectie te gaan. Bovendien ben ik mijn hele journalistieke leven lang jaloers geweest op Johannes van Dam, die gewapend met eigen mes en thermometer menig restaurant bezocht en bij het weer verlaten door het personeel ook nog werd nagezwaaid, terwijl ze wisten dat zij van de culinaire scribent nog een trap na zouden krijgen.

Macht is prettig, tenminste als jij degene bent die haar bezit.

Op het Beukenplein zijn de beuken al lang geleden gekapt en door de openheid van de ruimte valt Thaicoon eenvoudig te vinden. Maar direct al bij binnenkomst wacht ons een kleine verrassing.

Sorry NO pin”, staat er op deur.

En met een vrolijk emoticon: “Sorry we accept only cash”.

Beeld: Max Pam.

Zoiets zie je niet veel meer in Amsterdam. Zelfs in de horeca heeft de fiscus er tegenwoordig flink de wind onder. In de strijd tegen het zwarte geld heeft de belastingdienst bijna overal het pinapparaat naar binnen gekregen. Alleen tweedehands-autohandelaren en gestolen-rijwielherstellers werken nog handje-contantje. En kennelijk sommige Thaise restauranthouders.

Ik spring dus weer op mijn fiets ga op zoek naar een flappentapper, die ik vind even voorbij De Schreeuw, het beeld ter nagedachtenis van Theo van Gogh. Het is zelfs een ongeschonden exemplaar, waar de plofkrakers nog niet langs zijn geweest.

Gewapend met enkele bankbiljetten in de binnenzak betreed ik even later alsnog het restaurant – twee ruimtes, goed voor zo’n kleine veertig gasten. Een Boeddha-beeld op de bar kijkt mij tegen een achtergrond van turquoise licht onverstoorbaar aan. Even later word ik door bijzonder vriendelijke personeelsleden naar het gereserveerde tafeltje geleid.

Wachtend op mijn gezelschap drink ik een Thais biertje, lang niet slecht. Ik mijmer nog wat over zwart geld en zie families voor me die spaghetti eten aan lang gerekte tafels. Dan komt mijn gezelschap binnen en gaat tegenover me zitten.

“Waarom wil je in godsnaam hier eten?” vraagt ze.

“Ssst…” fluister ik, “niet te hard. Dit is een van de Thaise restaurants van Frans en Pieter Jelles Klein.”

“Nou en?”

“Heb je het niet gelezen? Frans Klein is de hoogste baas van de Nederlandse Publieke Omroep (NPO). Hij is verwikkeld geraakt in allerlei mistige zaakjes. Naar eigen zeggen wilde hij zijn broer helpen, toen die in zwaar weer raakte. Samen hebben ze allerlei brievenbusfirma’s opgericht, waardoor de belastingdienst vermoedelijk op flinke schaal een loer is gedraaid. En nu wordt er een integriteitsonderzoek gedaan naar de handel & wandel van Frans Klein”.

“Dat is heel betreurenswaardig,” brengt mijn gezelschap in het midden.

“Ja, maar geen reden om hier niet naar toe te gaan. Als je hier lekker kunt eten, mag de integriteit van Frans best een vlekje hebben, vind ik.”

“Mmm…”

We veren op, want daar komt de Thaise ober om onze bestelling op te nemen!

Vooraf nemen wij Thod Man Pla, Thaise viskoekjes. En Satay Kay, kipsaté, maar dan op z’n Thais. Als hoofdgerecht gaan we voor de Gaeng Ped Pet Jang, eendenfilet met kokosmelk en rode curry, alsmede voor de Moo Kratiam Prik Thai, dat ons wordt aangeprezen als “geroerbakte stukjes varkensfilet met knoflook en verse peperstrengen”.

De viskoekjes zijn verrukkelijk, maar de kipsaté is nog lekkerder. We smullen.

“Zwart geld, familie en eten”, zeg ik, “gaan op de een of andere manier altijd samen. Dat Frans zijn broer wilde helpen, vind ik eigenlijk heel sympathiek. Dat is nog eens wat anders dan bij Joseph Luns.”

“Luns? Hoe zat dat ook al weer?”

“Nou, Luns was minister van Buitenlandse Zaken. Hij werd ervan beschuldigd lid te zijn geweest van de NSB. Hij ontkende en zei: ik was het niet, maar mijn broer. Die moet mij als lid hebben opgegeven. Erg lullig van Luns. Dat is toch iets heel anders dan wat Frans heeft gedaan”.

We hebben alles op en buiken even uit, maar daar verschijnen al de hoofdgerechten.

Mijn gezelschap (hier op de foto) is vooral verrukt van het varkensvleesgerecht. De stukjes vlees zijn knapperig op een verrukkelijke manier en het is werkelijk jammer dat Johannes van Dam er niet bij kan zijn. Die at alles, ook varkensvlees, als het maar met liefde was gemaakt. Alleen een Hollandse nieuwe met uitjes, daar kon Johannes niet tegen, die ging in tegen elke vezel van zijn smaakpurisme. Laat een verse haring niet verpesten door uitjes, ik hoor het hem nog roepen, met die smartelijke blik van iemand aan wie zojuist is voorgesteld om de Jezusfiguur uit de Matthäus te laten zingen door Dries Roelvink.

“Wat ik van die Frans Klein helemaal niet begrijp,” zeg ik, “is dat hij zich heeft ingelaten met Quaedvlieg Juristen uit Den Haag, notoire handelaars in dubieuze belastingconstructies. Ze hebben altijd een hele slechte naam gehad en dat bedoel ik niet alleen letterlijk. Iedereen kent toch het beroemde verhaal van Robert Lombert en notaris Quaedvlieg?”

“Nou ik niet, vertel op!”.

“Ik hoorde het voor het eerst van Henk Hofland. Zijn verhaal was zo onwaarschijnlijk dat ik het eerst niet wilde geloven. Maar Mark Traa heeft er later een prachtig boek over geschreven: Het wonderbaarlijke leven van President Robert. Het bleek allemaal echt waar. Het verhaal speelt in 1951, op een moment dat velen dachten dat het communisme vanuit het Oosten de Europese landen zou overspoelen. Eén man, die zichzelf als een ziener zag en als de redder van het Westen, Robert Lombert geheten, kocht een groot wit jacht waarmee hij hoopte te ontsnappen nog voordat de Russen zouden komen. Hij wist verschillende families ervan te overtuigen alles achter te laten en al hun geld in te leveren voor een slaapplaats aan boord.”

Ik moet even pauzeren, maar dan ga ik verder: “Een tragische rol in deze pseudologia fantastica speelden notaris Quaedvlieg en zijn vrouw. Hoewel zij zelf ook een vermogen kwijtraakten aan de grootheidswanen van Lombert, regelden zij de geldstromen van de andere deelnemers. Op 30 juni verliet het schip de haven van Zeebrugge. Het werd een doelloze reis, die nergens toe leidde omdat de Russen maar niet wilden binnenvallen en de opvarenden ongeduldig begonnen te worden. Wel werd overal in havens aangelegd om kisten cognac en andere lekkernijen in te laden. Onderweg werd een godsvermogen uitgegeven en het kon niet anders dan dat de hele tocht zou eindigen in een debacle. Het liep tenslotte uit op rechtszaken tegen president Robert en zijn bewindvoerder notaris Quaedvlieg. De berooide passagiers waren misschien wel de eerste slachtoffers van de Koude Oorlog.”

Ik zwijg even en ook mijn gezelschap weet even niets te zeggen. Ja, dat was toen. Daar is nu niemand meer verantwoordelijk voor. Wel voor Bidrio Limited, het bedrijfje dat via de Quaedvliegjes van nu door de broertjes Klein van nu werd opgericht. Als alles dreigt uit te komen, probeert Frans Klein zich nog uit de voeten te maken. In 2016 stapt hij op als directeur van de Thaise restaurants, zijn broertje blijft. Thaicoon wordt verplaatst van de Wallen naar het Beukenplein.

En daar zitten we nu.

Welk cijfer geef jij?”, vraag ik aan mijn gezelschap.

“Een 8+”, zegt ze.

Inderdaad, we hebben uitstekend gegeten! Om de smaak vast te houden, nemen wij geen toetje en geen koffie, maar vragen we de rekening.

Beeld: Max Pam.

Geen geld: 55,20 euro! Een prachtige prijs-kwaliteit-verhouding! Dat is wel erg op de kleintjes letten, zo worden de broertjes Klein nooit rijk. Mijn conclusie is dan ook: wat dat eten betreft, had er voor mij echt geen integriteitsonderzoek hoeven plaats te vinden. In termen van integriteit was het heel wat integerder geweest wanneer Frans Klein al een jaar geleden, toen hij bij de NPO op de culturele en journalistieke programma’s wilde bezuinigen, op staande voet was ontslagen.

Onderwerpen