Spring naar de content
bron: Rijksmuseum/Willem Claesz

‘Gouden Eeuw’ is een suffe naam, maar wel een handige

Het Amsterdam Museum heeft besloten de term ‘Gouden Eeuw’ niet meer te willen gebruiken. Een te mooie term voor een vrij donkere periode, is de redenering. Joke de Wolf vindt dat te kort door de bocht: “Suggereren dat mensen kunnen denken dat er een tijd is geweest waarin iedereen gelukkig was, dát is pas neerbuigend.”

Gepubliceerd op: Geplaatst in de volgende categorieën:
Geschreven door: Joke de Wolf

Vroeger, vroeger had je het Amsterdams Historisch Museum. Een mooie, duidelijke naam voor een museum over de geschiedenis van Amsterdam. Die naam hebben ze weggedaan, want die was te specifiek of te stoffig, niet sexy genoeg. Nu noemen ze zichzelf Amsterdam Museum, een naam die de gemiddelde toerist doet denken aan kaas en seks en coffeeshops zodat, heel slim, alleen de écht historisch geïnteresseerde bezoeker, de bezoeker die nog wéét dat het museum eerst het Historisch Museum was, begrijpt dat ze er interessante presentaties en collecties hebben.

De mensen die in dat museum werken hebben nu bedacht dat ze de 17e-eeuw niet meer Gouden Eeuw willen noemen. Er kleeft een te rooskleurig beeld aan, dat ervoor zorgt dat sommige mensen zich buitengesloten voelen. ‘Voorspoed, vrede, weelde en onschuld’, terwijl er in werkelijkheid ook veel ellende was. ‘Denk aan armoede, oorlog, dwangarbeid en mensenhandel.’

In de Griekse mythologie was de Gouden Eeuw inderdaad de periode die we uit de Bijbel kennen als het paradijs. Direct nadat Cronos de aarde had geschapen waren mensen vegetariërs, ze leefden in vrede, er was geen ouderdom, geen misdaad, geen eigendom.

Er is nauwelijks een land of een periode zónder Gouden Eeuw.

De Gouden Eeuw-stempel is later op de periode gedrukt.  Maar Nederland De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden is niet de enige met een gouden eeuw – iets dat het museum ook nalaat te vertellen, en wat de consequenties van het niet meer willen gebruiken van de term ingewikkelder maakt. Er zijn nogal wat Gouden Eeuwen: in het oude Egypte, in het oude Griekenland, in India (derde tot zesde eeuw), er is een islamitisch gouden tijdperk (750-1257), een Spaanse Gouden Eeuw (1550-1650), ook een Portugese, een Witrussische en een Deense, en als ik Wikipedia mag geloven leven we nu in de Gouden Eeuw van de virale video. Er is nauwelijks een land of een periode zónder Gouden Eeuw.

Er ging íéts heel goed in die periode, in een deel van het land, voor een paar mensen. Voor de meesten was het nog steeds lastig, oneerlijk, ongelijk. Zo ging het toen, zo gaat het ook nu nog steeds. In het geval van de Nederlandse Gouden Eeuw was het vooral de schilderkunst die blijvend voordeel had van de welvaart. Er was een ongekende vraag naar schilderijen, er waren ongekend veel kunstenaars aan het werk, waarvan sommigen een ongekend talent hadden.

Het museum zegt het ‘foute woord’ te willen laten opnemen in de publicatie Words matter van het Museum van Wereldculturen. Het museum is blijkbaar vergeten Nederlands te praten, want die publicatie uit 2018 heet Woorden doen ertoe.

Er staan woorden in die musea beter niet meer kunnen gebruiken, omdat ze ontstaan zijn vanuit seksuele of racistische superioriteitsgevoelens, van ‘aboriginal’ via ‘homo’ en ‘Pygmee’ naar ‘zwart’.  

Heel begrijpelijk dat termen die ooit als scheldwoord zijn ontstaan, niet in een hedendaags museum passen.

Heel begrijpelijk dat termen die ooit als scheldwoord zijn ontstaan, niet in een hedendaags museum passen. En dat, zoals laatst in Parijs bij de tentoonstelling over ‘Het zwarte model’, de aanduiding van bijvoorbeeld mensen met een andere huidskleur op de naambordjes wordt aangepast naar hedendaagse taal – zonder daarbij de geschiedenis naar de prullenbak te verplaatsen.

Bij ‘Gouden Eeuw’ gaat het echter niet om een specifieke persoon of een achtergestelde groep. Het is een gebruikelijke naam voor een tijdperk. Ik had als middelbare scholier en later als student, ondanks belangstelling voor geschiedenis, behoorlijk wat moeite de verschillende eeuwen uit elkaar te halen. Het verschil tussen Romantiek en Rococo, de Tachtigjarige en de Honderdjarige Oorlog, het duizelde me al snel. Als je een beeld probeert te krijgen van de geschiedenis, is het handig meer te hebben dan alleen maar getallen. ‘Gouden eeuw’ is een naam die daarbij helpt. Een naam die ik, en ik neem aan de meesten die een beetje geschiedenisles hebben gehad, associeer met Rembrandt, Vermeer, slavernij en de VOC. Het is een naam, misschien een stomme naam – dat heb ik zelf altijd gevonden – maar het helpt met het begrijpen welke eeuw je bedoelt.

Door te suggereren dat de omschrijving ‘Gouden Eeuw’ mensen uitsluit, onderschat het museum het publiek.

Het voormalig Amsterdams Historisch Museum suggereert nu, door deze verbanning van de term, dat het publiek kan geloven dat er een tijd is geweest waarin niemand werd onderdrukt, niemand achtergesteld, niemand gediscrimineerd. Door te suggereren dat de omschrijving ‘Gouden Eeuw’ mensen uitsluit, onderschat het museum het publiek. Dat is niet alleen vreemd, het is neerbuigend. En dat zal niet de houding zijn die het museum voor zichzelf heeft uitgedacht.