Spring naar de content

‘Een dictatuur voor een jaar zou niet gek zijn’

Nu de klimaatverandering versnelt, moeten we groot denken, vinden NWO-voorzitter Marcel Levi en hoogleraar duurzaamheid en transities Jan Rotmans. Maar in Nederland loopt veel innovatie vast in het stroperige overlegcircuit.
‘Die kleilaag moeten we afbreken en snel ook.’

Gepubliceerd op: Geplaatst in de volgende categorieën:
Geschreven door: Nathalie Huigsloot

Stel dat jullie de baas van de wereld waren, zouden jullie dan nu in paniek zijn over de toestand van de planeet?

Abboneer op een lidmaadschap

Hoe sympathiek!

Dit artikel krijg je van HP/De Tijd cadeau. Om ons te steunen en meer artikelen van en uit HP/De Tijd te lezen, word je vanaf slechts vier euro per maand lid in minder dan een minuut. Voor dat luttele bedrag lees je ook alle stukken uit het maandelijkse magazine digitaal.

Kies een lidmaatschap

Jan Rotmans: “Ik probeer juist niet te redeneren vanuit paniek, want er is nog nooit een grote transitie gelukt vanuit negativiteit. Ik denk dat er nog een paar crises komen voordat er écht iets verandert. Kennelijk hebben we die nodig om dingen wezenlijk anders te gaan doen. Ik denk dat er na deze coronacrisis een klimaatcrisis komt die ons een spiegel zal voorhouden. Die zal vele malen heftiger zijn dan de coronacrisis. Dus op korte termijn ben ik pessimistisch, maar op de lange termijn niet. Uiteindelijk ben ik ervan overtuigd dat we hier beter uit komen. Maar het zal pijn kosten, het gaat niet vanzelf.”

Marcel Levi: “Ik ben ook niet in paniek. Ik denk dat we wel een probleem hebben, maar het begint altijd bij bewustwording en die begint aardig op gang te komen. Vervolgens moeten we denken in termen van analyse en oplossingen, en daar zijn we ook mee begonnen. Dus ik ben heel optimistisch dat er uiteindelijk een oplossing of een aantal oplossingen gevonden gaan worden.”

Zou jij nu nog een huisje in Zandvoort kopen?

Marcel Levi: “Tuurlijk.”

Dat zou je niet zien als kapitaalvernietiging?

Marcel Levi: “De zeespiegel stijgt wel, maar dat is met enkele centimeters per heel veel jaar voorlopig nog geen probleem. We hebben nu nog de tijd om daar rustig over na te denken en met oplossingen te komen. Dat geldt ook voor de opwarming van de aarde en een heleboel andere zaken.”

Jan Rotmans: “Dit wil ik toch wel aanscherpen. Het blijkt dat in delen van Nieuw-Zeeland de zeespiegelstijging twee keer sneller gaat dan gedacht. Ze dachten tot 2060 veilig te zijn, maar ze denken nu aan 2040. Dat betekent dat ze met alles wat ze gaan bouwen nu al rekening houden met die zeespiegelstijging. Waarschijnlijk moet een aantal mensen gaan verhuizen met het oog op overstromingsrisico’s. Ik ben nog steeds wel van plan om een vakantiehuisje in Noordwijk te gaan kopen, maar ik ben betrokken bij de Zuidplaspolder – dat ligt op het laagste punt van Nederland, op 6,75 meter onder NAP – waar men een nieuw dorp wil gaan bouwen. Daarvan heb ik wel gezegd: als je dat doet, hou dan rekening met de zeespiegelstijging in de komende honderd jaar. Dus ik ben het deels met Marcel eens, maar ik vind wel dat we de korte termijn nu al moeten koppelen aan de lange termijn. Je moet alles nu bouwen met een toekomstperspectief voor de komende honderd jaar.”

In Zeeland wordt heel origineel gedacht over mogelijke oplossingen, zoals de wisselpolder

Marcel Levi

Als het voor Nieuw-Zeeland zorgelijk wordt, zijn de Malediven al weg toch?

Jan Rotmans: “Ja. Wij kunnen de Waddeneilanden nog wel behouden, dat kost alleen twintig keer meer zandsuppleties over honderd jaar. Maar de Malediven, en bijvoorbeeld grote delen van Indonesië – zoals Jakarta – zakken onder water. Daarom wordt de regeringszetel nu al verplaatst van Jakarta naar elders. De hele wereld kijkt voor de zeespiegelstijging naar Nederland, want wij hebben dit eerder gefikst. Maar we gaan het deze keer niet alleen fiksen door de dijken verder op te hogen en te verbreden.”

Marcel Levi: “Plaatjes die duidelijk maken hoe hoog je die dijken dan moet maken zien er ook heel gek uit.”

Dan kijken we tegen een berg aan als we naar de kust kijken?

Marcel Levi: “Ja, tegen een muur. In Zeeland wordt heel origineel gedacht over mogelijke oplossingen, zoals de wisselpolder. Dat concept, waarbij stukjes land tijdelijk onder water worden gezet, is voor de landbouw ook niet heel slecht. Want twintig jaar later kun je ze weer droogleggen en heb je daar heel vruchtbare grond. Je moet het toch in onconventionele oplossingen zoeken. En dat doen we nog weinig. Als er te veel CO2 in de lucht is, zeggen we: o, we moeten allemaal in een elektrische auto gaan rijden! Maar dat gaat hem gewoon niet worden. Voor elke elektrische auto die er hier bij komt, komen er in China tien benzineauto’s bij. Dus dat is geen oplossing. Ik was op bezoek bij het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee op Texel, waar een onderzoeker me vertelde dat 98,5 procent van al het koolzuurgas binnen onze dampkring in de zee zit – dat kleeft aan de rotsen die onder het zeeoppervlak liggen. Je moet eigenlijk een groot eiland tot ontploffing brengen, dan haal je je klimaatdoelen al, legde hij uit. Want als je zo’n groot rotsblok in kleine brokstukjes kan doen veranderen, verdwijnt er meer koolzuur uit de atmosfeer. Het is misschien geen oplossing voor morgen, maar het is wel een oplossingsrichting die ik gaaf vind, omdat het een andere manier van denken is.”

Zouden landen waar de hitte een gevaarlijk probleem aan het worden is, zoals India, voor een extra stimulans kunnen zorgen om tot gedragsverandering te komen?

Marcel Levi: “Ik denk dat de prioriteiten in die landen bij andere zaken liggen. Je hebt het over een land met massale kindersterfte en waar een groot deel van de bevolking niet genoeg te eten heeft. Ik weet niet of die zich enorm druk maken over de stijging van de zeespiegel of de temperatuur van de aarde.”

Jan Rotmans: “Nou, het wordt in India nu wel als imminent gevoeld hoor. Ook in grote delen van Afrika. De kwetsbaarste delen liggen rond de evenaar. In Afrika zie je zelfs een vervaging van het regen- en het droogteseizoen; er zijn landen waar het al jaren niet echt meer heeft geregend. In Namibië is het bijvoorbeeld extreem droog. Dus men maakt zich daar wel grote zorgen over. Ik heb dat in de afgelopen vijftien jaar zien verschuiven. Het is schrijnend verdeeld. Wij – de rijke landen – hebben het probleem gecreëerd, maar de grootste lasten zijn voor de armste gebieden.

“Maar ook in Nederland moeten we ons gaan voorbereiden op de klimaatverandering die onderweg is. We kunnen niet meer alles vermijden; daarvoor is het te laat. Dus ook wij moeten ons daartoe gaan verhouden. Het zal bijvoorbeeld ingrijpende consequenties hebben voor poldergebieden. We moeten ons voorbereiden op extremen naar twee kanten: meer droogteperioden, maar ook meer natte perioden. Het is nu weer heel droog, dat hebben we ook in 2020 gezien, en in 2018, en 2003. In 2003 kwam het kabinet drie keer in crisistijd bijeen. Toen was het een halfjaar heel droog en warm, en dat had gevolgen voor de watervoorziening, de landbouw, de scheepvaart, maar ook op woningen die nog op houten palen staan, zoals in Gouda. Dus het beïnvloedt de hele samenleving.”

Prof. dr. Marcel Levi (57) is internist, sinds 2000 hoogleraar geneeskunde en sinds 2021 voorzitter van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Hij is columnist voor Het Parool en vanaf volgende maand voor HP/De Tijd.

Marcel Levi: “Het is natuurlijk verwarrend vanuit een publieksperspectief, want tien jaar geleden hadden we juist te veel regen en was de discussie: als er weer zo’n overstroming dreigt, moet de Ronde Hoep-polder maar onder water worden gezet. En toen was iedereen heel boos. Je ziet de borden nog staan in de tuinen van de boeren: red de Ronde Hoeppolder. En nu is er weer te weinig water. Dus mensen denken: het komt wel goed.”

Jan Rotmans: “Ja, het is heel contrair, waardoor mensen denken dat het wel zal meevallen. Maar het is zelfs denkbaar dat de Golfstroom echt omklapt en wij het klimaat van IJsland krijgen. Die kans is klein, maar toen ik als hoogleraar begon was die kans nog nul en dat is hij inmiddels niet meer.”

Marcel Levi: “Ons klimaat wordt voor een belangrijk deel bepaald door de Warme Golfstroom; daarom hebben we relatief milde winters en niet zulke hete zomers. Maar die Golfstroom kan ook de andere kant opgaan en dan verandert alles.”

Jan Rotmans: “Dan krijgen we heel veel Elfstedentochten. Mensen denken uni-directioneel. Ze denken: óf het wordt warmer óf het wordt kouder, of het wordt droger of het wordt natter. Maar het kan ook een combinatie zijn. We moeten ons sowieso voorbereiden op meer droogteperioden en daarvoor moet je een aantal polders onder water zetten, anders heb je te weinig voorraad. Maar er kunnen ook overstromingen komen, zoals we vorig jaar juli zagen bij de Maas. Ik heb meegewerkt aan Ruimte voor de Rivier en de Maaswerken, een groot wetenschappelijk succes, wat ervoor gezorgd heeft dat we de rivieren breder en dieper zijn gaan maken. Met name de Maas, maar ook de IJssel, Waal, Nederrijn en Lek. Hadden we dat niet gedaan, dan hadden er honderden dodelijke slachtoffers kunnen zijn. Dan was de schade veel groter geweest, zoals in Duitsland en België.”

Marcel Levi: “Dit is nou een goed voorbeeld van hoe creatief wij Nederlanders daarmee omgaan. We zijn niet de dijken een beetje gaan ophogen, we zijn de hoeken en bochten van de rivieren anders gaan maken, waardoor die dijken niet zo hoog hoeven te zijn. Dat zijn slimme oplossingen.”

Jan Rotmans: “Er waren zelfs kunstenaars bij betrokken, die meedachten over hoe we dat creatief konden doen. Er was ook veel weerstand hoor, want veel boeren in de uiterwaarden moesten verhuizen, dus het ging niet zonder slag of stoot. Maar zo moeten we ook die toekomstige klimaatverandering aanpakken. We moeten het zo doen dat we de hele wereld weer gaan verbazen. En ze weer zeggen: zo, dat is knap gedaan. Niet je afsluiten van het water en het de rug keren, nee, het samen met dat water gaan doen. Ik pleit voor cruijffiaanse oplossingen. Met corona ging het ontwikkelen van een vaccin tien jaar sneller dan gedacht; bij klimaatverandering gaan we de tijd misschien wel vijftien jaar naar voren halen.”

Marcel Levi: “En dan zijn we waar je begon: je hebt toch kennelijk een crisis nodig om zo’n stap te kunnen zetten. Net zoals de 

oorlog in Oekraïne als een katalysator werkt. Door Poetin zijn mensen nu extra gemotiveerd om snel van het olie en gas af te gaan. Zeker in Nederland – met een hoor-, wederhoor-, consensus- en bezwaarcultuur – gebeurt er zonder een crisis helemaal niks. Er moet weer zo’n overstroming zijn, een vreselijke droogte of iets anders heel onaangenaams, en dan heb je misschien kans om iets voor elkaar te krijgen.”

In het tweegesprek van de vorige HP/De Tijd zei hoogleraar internationale betrekkingen Rob de Wijk: “Een democratie is niet zo geschikt voor het oplossen van dit soort problemen.”

Jan Rotmans: “Ik heb ooit gepleit voor een soort verlichte dictatuur op het gebied van verduurzaming, maar daar heb ik wel spijt van.”

Marcel Levi: “Als je dat zegt, wordt iedereen boos, hè?”

Jan Rotmans: “Toen heb ik heel wat boze mensen achter me aan gekregen ja.”

Marcel Levi: “Een democratie is fantastisch, maar voor een jaar zou een dictatuur geen gek idee zijn. Zodat er even wat beslissingen kunnen worden genomen. Maar niet langer dan een jaar en nooit meer dan één keer. Daarna moet hij snel weer weg en gaan we weer vier jaar alle voors en tegens doornemen.”

Prof. dr. ir. Jan Rotmans (61) is sinds 1992 hoogleraar, en sinds 2004 hoogleraar duurzaamheid en transities aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Hij schreef zo’n dertig boeken over klimaatverandering, klimaatmodellen, duurzaamheid en transities. Omarm de chaos is zijn meest recente boek.

Jan Rotmans: “Ik ben het er helemaal mee eens. Ik pleit zelfs voor een wat langere periode. Niet te lang, maar misschien vier jaar. Ik was ooit in Shanghai en ik struikelde daar bijna letterlijk over de elektrische fietsen en elektrische auto’s. Dat was top-down gepusht vanuit de overheid. Dat werkt dus wel. Ik erger me in Nederland, net als Marcel, geweldig aan altijd weer die compromissen. Dat zag je ook bij corona. Welk land gaat er nou een halfjaar discussiëren over mondkapjes? Er is geen land dat dat doet! Er is hier overal wel een stuurgroep, klankbordgroep of regiegroep voor. En dat zijn allemaal remmende instituties. Wij hebben heel veel remmers van beroep in Nederland, die voor elke radicale verandering gaan liggen. En in deze tijd van chaos moet je juist radicale besluiten nemen.”

Marcel Levi: “Dat merk ik ook in mijn huidige functie. Als je een mooi, groots en meeslepend plan hebt, zeggen mensen meteen: ‘ja maar…’ En dan komen ze met allemaal bezwaren. Terwijl er in het buitenland veel meer de cultuur heerst van:
o wauw, wij Fransen gaan de eerste kern-fusiereactor bouwen. In Nederland zijn er maar heel weinig mensen die zeggen: wauw, wat spectaculair is dit en wat geweldig dat we dat in Nederland gaan doen.”

Jan Rotmans: “En die cultuur hadden we ooit wel.” 

Marcel Levi: “Ja, ik denk aan de Deltawerken. Ik durf te zeggen dat als wij de beslissing nu hadden moeten nemen, we geen Afsluitdijk en geen Flevopolder hadden gehad.”

Jan Rotmans: “Dat denk ik ook.”

Marcel Levi: “Dan was er een milieueffectrapportage geweest en zestien groepen die ergens tegen waren. Zoals de meerkoet die gered moet worden.”

Als de Warme Golfstroom omdraait, dan krijgen we heel veel Elfstedentochten

Jan Rotmans

Jan Rotmans: “Ja, en dat doodt heel veel creativiteit. Dat is zo zonde, want we hebben nu behoefte aan radicale innovatie en het barst van de jonge mensen met een radicaal vernieuwend idee.”

Marcel Levi: “Ik merk dagelijks in mijn werk dat jonge mensen nog wel dat enthousiasme, die visie en die energie hebben. Maar we doen kennelijk iets fout, ergens tijdens hun opleiding of daarna. Want dan dooft dat uit. Ergens in ons systeem rammen we dat er gewoon uit. Terwijl, er komen telkens weer nieuwe jonge mensen bij, met telkens weer nieuwe visionaire, grootse ideeën zoals: waarom bouwen we Schiphol niet op zee?”

Jan Rotmans: “Schiphol op zee is veel logischer, in Japan hebben ze dat al. Maar in Nederland zijn we het land van de middelmaat geworden. Dat vind ik heel jammer, want juist nu moet je heel creatief zijn. Als we een miljoen woningen willen gaan bouwen, waarom bouwen we die dan niet grotendeels van hout en van biomassa? De boeren kunnen daarvoor allerlei bio-gewassen telen, dus die geef je dan ook perspectief. Naar dat soort slimme en vernieuwende oplossingen moeten we toe.”

Marcel Levi: “Geld is er genoeg, maar het is het verdedigen van de gevestigde belangen dat heel remmend werkt.”

Jan Rotmans: “Ik ben voor een ministerie van Afbraak. Wij hebben een recordaantal brancheclubs in Nederland. Ik heb ooit voor de brancheclub van de brancheclubs gestaan. Dat vind je nergens in de wereld. Die kleilaag moeten we afbreken en snel ook. Als je bijvoorbeeld naar een circulaire economie wil, dan zijn er ongeveer twintig wetten en regels die dat nog steeds in de weg staan.” 

Marcel Levi: “Van het feit dat je in Nederland geen genetisch gemodificeerde gewassen mag gebruiken, val je toch ook echt van je stoel? Dat mag overal ter wereld, hè? Dat zorgt ervoor dat je met een kleiner landoppervlak veel meer opbrengst krijgt, en er zitten ook meer voedingsstoffen in, zoals eiwitten en koolhydraten. Maar daar zijn we vanuit een soort historische angst tegen, als ongeveer enige land ter wereld!”

Net zoals Nederlandse vrouwen per se met pijn moeten bevallen?

Marcel Levi: “Precies, dat is dezelfde manier van denken, daarbij is het argument ook: het is tegennatuurlijk blablabla. Het wordt overigens allemaal uitgevonden in Wageningen hè? Dat is het grappige. De hele wereld kijkt hiervoor naar Wageningen, maar het mag niet in Nederland worden toegepast. We zijn totaal briljant, maar in Nederland mag het niet, want dan komt actiegroep Het woedende Bintje de voortuin van de minister omscheppen.

“We zitten in Nederland vol met goede ideeën en weten als beste de oplossingsrichtingen, maar het ontbreekt ons gewoon aan het komen tot besluiten en aan doorzetten.” 

Jan Rotmans: “Ja, we hebben ontstellend weinig doorzettingsmacht.”

Laatst kwam er weer een onderzoek uit waaruit bleek dat Nederlanders meer aan milieu wilden doen, maar dat het niet lukte om minder te gaan vliegen. De meerderheid was ervoor dat de overheid met meer regels zou komen om het af te dwingen.

Marcel Levi: “Er is al wel een kleine groep die er uit zichzelf toe bereid is. Ik zit in een onderzoeksgroep die binnenkort een congres in Londen heeft en iedereen weigert om te vliegen. Ze willen met de trein en anders gaan ze gewoon niet. Dat is natuurlijk een heel specifiek groepje, maar binnen die jongere groep zijn ze daar al heel fanatiek in. En ik merk het ook aan mezelf. Ik heb altijd heel veel gevlogen voor mijn werk, maar dat doe ik sinds covid niet meer. Ik heb ook mijn auto weggedaan.

“Maar goed, als je naar de drukte op Schiphol en op de weg kijkt, denk je toch: dat besef is kennelijk nog niet tot iedereen doorgedrongen.”

Jan Rotmans: “Zo werken transities. Het begint altijd bij vijf of tien procent van de bevolking. Maar die beïnvloedt een grotere groep, en die beïnvloedt weer de massa. Pas daarna gaan de echte tegenstanders om, dan ben je twee generaties verder. Dat hebben we gezien met roken, en dat begin je nu ook te zien met vlees eten. Door de verandering van de sociale normen stopte de grote massa met roken, na zo’n dertig jaar, en daarna pas kwam de overheid met beperkende maatregelen. Het heeft dus tijd nodig om door te dringen en sociale normen spelen daarin een belangrijke rol.”

Een oplossing die vaak genoemd wordt om op korte termijn voor duurzame energie te zorgen is groene waterstof. Naar schatting zouden zo’n zeven miljoen huishoudens hun woning ermee kunnen gaan verwarmen. De provincie Groningen zou bovendien hét centrum van de waterstofeconomie kunnen worden, want het kan internationaal vervoerd worden via de leidingen waarvoor nu het gas wordt gebruikt. Hoe denken jullie daarover?

Marcel Levi: “Het is heel interessant, maar dat gaat nog lang duren. Dat geldt voor veel mogelijke oplossingen. Kernfusie zou ik ook niet uitvlakken, maar dat is ook een verhaal van dertig jaar. Hetzelfde geldt voor de conventionele kernenergie: als we daarvoor zouden kiezen, staat die centrale er pas over 25 jaar. Maar dat wordt er vaak niet bij verteld.”

Jan Rotmans: “Ja, het eerlijke verhaal hoor je niet. Nu roepen ze in Brussel: ‘We gaan binnen een jaar van het Russisch gas af.’ Dat kan helemaal niet. Ik praat met tuinders in het Westland die volledig aan het aardgas zitten en die hebben nog zo’n tien jaar nodig om over te schakelen. Dus er worden een heleboel sprookjes verteld. 

“Ook over waterstof: dat gaan we voor een groot deel importeren uit Noord-Afrika, Qatar en het Midden-Oosten. Dan word je dus weer afhankelijk van politieke instabiele landen en regio’s. Waterstof wordt belangrijk als grondstof en brandstof voor de industrie, maar je hebt er heel veel wind- en zonne-energie voor nodig. 

Mark Rutte is de supermarktbeheerder die zorgt dat alle vakken gevuld blijven en af en toe roept dat we een gave winkel hebben

Marcel Levi

“Er wordt ook niet eerlijk verteld dat iedereens energierekening veel hoger gaat worden. We gaan ons elektriciteitsnetwerk verzwaren en verslimmen en alleen dat kost al honderd miljard euro de komende dertig jaar. Wij gaan daar als consument fors aan mee betalen. De VVD en D66 zetten nu heel erg in op groene waterstof, maar als je Tata Steel op groene waterstof gaat laten draaien, heb je vijf extra windmolenparken nodig. En het duurt acht jaar voordat we één windmolenpark op zee hebben gerealiseerd! We hebben nu 2,5 gigawatt staan aan wind op zee; we willen naar 20 gigawatt in 2030. Dat is over acht jaar en minister Jetten zegt: dat gaan we halen. Nou als ik reken, reken, en reken, dan kom ik daar never nooit niet op uit. Dus dat is ook weer een sprookje. 

“We hebben ook nog nooit een klimaatdoel gehaald in Nederland. Maar we gaan wel andere landen erop wijzen. Als die het niet halen, dan maant Rutte ze om sneller te gaan. Terwijl wij op twee na laatste staan in de ranglijst. Toen ik begon, stonden we nog in de toptien. En waarom? We hadden namelijk ingenieuze plannen. Maar de stap van plan naar uitvoering faalt steeds. Daardoor zijn we in dertig jaar gezakt van de toptien naar op twee na laatste. Alleen Cyprus en Luxemburg staan nog achter ons; die draaien helemaal op aardgas. België staat één plaats boven ons, kun je nagaan. En dan wel een grote mond hebben richting andere landen, daar geneer ik me voor. 

“Ik adviseer landen in Scandinavië, die vele malen sneller gaan dan wij en die vragen: Jan, wat is er misgegaan bij jullie? Tja. We hebben bijvoorbeeld de hele windmolenindustrie weggegeven aan Denemarken. Wij bouwden zelf delen van windmolens in Dordrecht, maar we zagen er geen brood in, en dat is nu de grootste industrie in Denemarken.”

Marcel Levi: “In Amsterdam heb je de wijk 

IJburg en daar wonen veel jonge, hoogopgeleide types, in grote meerderheid Groen-Links-stemmers. Toen daar een windmolen moest komen, was de hele bevolking mordicus tegen. Dat vind ik wel een symbolisch voorbeeld. GroenLinks heeft daar sindsdien geloof ik geen enkele stem meer gekregen, haha. Het ontbreekt volgens mij aan bestuurders met charisma en overtuigingskracht. Er zijn niet zo heel veel meeslepende politici.”

Jan Rotmans: “We hebben Mark Rutte en dat is geen leider, maar een manager.”

Marcel Levi: “Precies, dat is gewoon de supermarktbeheerder die zorgt dat alle vakken gevuld blijven en af en toe roept dat we een gave winkel hebben. Daarmee ga je geen transities voor elkaar krijgen.”

Jan Rotmans: “We hebben mensen nodig die eerlijk zeggen: het gaat stormen, het wordt moeilijk, maar we komen er beter uit. Er is veel te veel cynisme nu, vind ik. Kijk, we hebben eigenlijk drie knoppen waaraan we kunnen draaien. We hebben beleid met financiële en fiscale prikkels, we hebben technologie, en we hebben gedrag. Het meest onderschat wordt de impact van gedrag. Uit onderzoek blijkt dat gedragsverandering kan leiden tot veertig tot zeventig procent minder CO2-uitstoot wereldwijd. Dat is nogal wat. En het goede nieuws is dat we in de westerse wereld vlak bij het kantelpunt zitten. Empirisch is aangetoond dat als je een kwart van de mensen bereikt, die resterende driekwart relatief snel meekomt, en dan kom je in de exponentiële versnellingsbaan. En mijn inschatting is dat we nu op ongeveer twintig procent zitten.

“Maar uiteindelijk denk ik dat we het gaan oplossen op een manier die we nu nog niet kunnen voorzien. Net zoals bij covid. De eerste specialisten zeiden dat het minstens tien jaar zou gaan duren voordat we daar een vaccin tegen hadden. Nou, het kon dus binnen een jaar. Dus onder de hoogst mogelijke druk kan er veel meer dan wij denken. En dat geldt voor gedragsverandering, technologische innovatie, en financiële prikkels. Als we daarop inzetten, en we hebben leiderschap, dan kan het er heel anders uitzien dan nu. En dat leiderschap zit ook in onszelf, want wij beïnvloeden elkaar meer dan we denken.”

Marcel Levi: “Bij leiderschap denken mensen inderdaad heel vaak aan de minister-president, maar dat is echt flauwekul. Dat zit natuurlijk bij iedereen. Iedereen is wel een beetje een aanvoerder van het kleine bubbeltje waarin-ie leeft. Het is te makkelijk om alleen maar naar boven te kijken en te denken: het komt allemaal door Rutte.”

Jan Rotmans: “Nee, je kan beter om je heen en in jezelf kijken. Jij bent altijd onderdeel van een gemeenschap, een netwerk, een ecosysteem, en mensen beïnvloeden elkaar daarbinnen in sterke mate. Wij onderschatten de verandermacht die we zelf hebben, ik noem dat de illusie van machte-loosheid. Als we ons als burgers bewust worden van onze macht, dan kan de energietransitie vele malen sneller gaan. De sleutel naar de redding van onze planeet hebben we grotendeels zelf in handen.”