Ontsnappen aan de verstikking

In haar boek Een meisje voor dag en nacht vertelt journaliste Renate van der Zee het ‘waargebeurde’ levensverhaal van Ibtisam, een intelligent Marokkaans meisje dat bijna stikt in de bekrompen atmosfeer van haar traditionele, islamitische familie, en zich daar vervolgens met veel moed, vernuft en doorzettingsvermogen aan weet te ontworstelen.

De schrijfster heeft gekozen voor de eerste persoon enkelvoud, alsof het Ibtisam zelf is die het woord voert, heel simpel en onopgesmukt, zodat je als lezer de indruk krijgt dat je rechtstreeks in het hoofd en het hart van dit eenzame kind kunt kijken – ongeveer alsof je in haar dagboek bladert. Maar in feite is het natuurlijk de auteur die de gebeurtenissen rangschikt en ze van hun emotionele kleur voorziet.

Het voordeel van die werkwijze is dat je je al gauw betrokken voelt bij de hoofdpersoon: je leeft mee met de onmacht en het radeloze onbegrip van Ibtisam, omdat je wel gedwongen bent om haar stap voor stap te volgen op deze lijdensweg. Maar het nadeel is dat Renate van der Zee zichzelf heeft beroofd van de mogelijkheid zich expliciet in het verhaal te mengen; bijvoorbeeld door vanaf de zijlijn commentaar te leveren en haar eigen visie op de personages weer te geven.

De lezer zit gevangen in het claustrofobische perspectief van degene die dit allemaal overkomt: de blikvernauwing van een meisje dat door haar ouders en broers bij voorkeur binnen wordt gehouden, om haar kuisheid en haar ‘eer’ te bewaren, en dat dus niet veel begrijpt van de wereld buiten de voordeur. Van de broeierige maar hardnekkig genegeerde onderstromen binnen het gezin, die ervoor zorgen dat ze jarenlang seksueel misbruikt kan worden door een van haar broers zonder dat het iemand opvalt, begrijpt ze overigens ook weinig. Over seks wordt nooit gepraat. En haar vrome vader en naïeve moeder behandelen de drie jongens in het gezin als ‘prinsen’, terwijl de meisjes geacht worden die verwende snotapen op hun wenken te bedienen. Niemand zoekt er dus iets achter als een van de broers nogal vaak te kennen geeft dat zijn jongste zusje even boven moet komen, op zijn slaapkamer, om hem een paar schone sokken te brengen of iets dergelijks, want dat soort dienstbaarheid siert een dochter en spreekt volkomen vanzelf.


Ibtisam durft het dan ook aan niemand te vertellen, aan haar ouders wel in de laatste plaats, want niet alleen háár ‘eer’ is in het geding, maar die van de hele familie: als deze bloedschande bekend zou worden, zou de ganse islamitische gemeenschap zich prompt van het gezin afkeren, en daar zou de ‘verleidster’ in kwestie uiteraard de schuld van krijgen. In zo’n traditioneel migrantenmilieu zijn het nu eenmaal de vrouwen die het familieblazoen van elke smet moeten vrijwaren.

Ibtisam ontsnapt ten slotte aan deze onhoudbare situatie door in het diepste geheim met een Nederlandse man te trouwen, en haar familie zodoende voor een voldongen feit te zetten. Ze gaat het huis uit, schrijft zich in voor een opleiding bij de politie en wordt zelfs gepromoveerd tot hoofdagent, maar krijgt in haar latere leven nog wel de rekening gepresenteerd in de vorm van een zware depressie.

“Incest onder niet-westerse migranten is een onderschat probleem,” constateert Renate van der Zee droogjes in haar nawoord. Dat mag je wel een understatement noemen.

Emma Brunt

Renate van der Zee: Een meisje voor dag en nacht.

De Geus. €18,90.

Ook verkrijgbaar via ako.nl.

Titaantjes waren we – Schrijvers schrijven zichzelf (1) – Abdelkader Benali et al. Bernhard. Een verborgen geschiedenis (2) – Annejet van der Zijl Nina (3) – Eric Smit Nomade (-) – Ayaan Hirsi Ali Taal is zeg maar echt mijn ding (5) – Paulien Cornelisse Jongensjaren (4) – Martin Bril Waarom is de burger boos? (8) – Maarten van Rossem Pil (7) – Mike Boddé De vastgoedfraude (6) – Vasco van der Boon en Gerben van der Marel Palm Invest (-) – Dion Bartels

import non fictie