Een grijze herfst

In Frankrijk heeft Nicolas Sarkozy de hete herfst gekregen die hem drie jaar geleden was beloofd. De ‘hyperpresident’ maakte een vliegende start, maar daar is niets van over. Heel Frankrijk loopt tegen Sarko te hoop, en zelfs de jeugd is verontwaardigd over zijn plannen om de pensioenleeftijd van 60 naar 62 jaar te verhogen. Toch zou de president, geheel tegen de Franse gewoonte in om voor de straat te buigen, weleens kunnen gaan winnen. Voor zijn populariteit hoeft hij niet te vrezen (die bevindt zich al op een dieptepunt), en ‘het verzet’ heeft zulke absurde eisen en staat zo met de rug naar de toekomst dat de regering het debat niet eens hoeft te voeren. Natuurlijk zal Frankrijk moderniseren, alleen heeft niemand zin om verworven rechten in te leveren zonder nieuwe kansen terug te krijgen. Daarbij denken veel Fransen nog steeds dat er in een nationale volkshuishouding slechts een bepaalde hoeveelheid werk valt te verrichten, die zo eerlijk mogelijk moet worden verdeeld.

Dat is de economische steentijd, maar die is in de etatistische Franse werkelijkheid niet zonder grond. Het is een idee dat uitgaat van een beschermde wereld zonder concurrentie en technische vooruitgang. Het heeft ook wel wat, zo’n stilstaande wereld waarin alles zijn gangetje gaat en voor niets de zon opgaat. Zo moet het ooit zijn geweest. Helaas bestaat dat paradijs allang niet meer, ook niet op het (ontvolkte) Franse platteland, en in het geprivilegieerde deel van Europa breekt het besef door dat de mooie sociale arrangementen uit de goede oude tijd niet langer houdbaar zijn. Trouwens, zo mooi zijn die nu ook weer niet. Vaak zijn ze bittere noodzaak, of zorgen ze voor scheve ogen. Dure voorzieningen die ooit als solidair werden bejubeld, gelden nu als gewoonterecht en moeten met steeds meer ‘niet-werkenden’ worden gedeeld. En met steeds meer (niet-westerse) nieuwkomers, van wie velen ook niet meer zo ‘nieuw’ zijn. Logisch dat dan de hakken in het zand gaan.

In Duitsland heeft Angela Merkel het multiculturalisme als ‘volledig mislukt’ verklaard. Dat kun je zien als erkenning van een voor iedereen zichtbare realiteit. De bondskanselier deed er meteen een handleiding bij. Van immigranten mag meer inspanning worden gevraagd om zich aan de Duitse samenleving aan te passen, en de Duitsers zullen eraan moeten wennen dat hun steden en dorpen voortaan ook moskee├źn kennen. Integratie is het toverwoord, terwijl tegelijk duidelijk is dat die integratie wringt en niemand zin heeft in deze ‘modernisering’. Wat dat betreft was de toekomst van gisteren in Duitsland beter dan die van vandaag, net als in Frankrijk, waar jong en oud bang zijn voor hun pensioen. Waar Frankrijk vroeger vreesde om in bevolkingsaantal door het jonge opkomende Duitsland te worden overvleugeld, is nu in beide landen de angst voor de ‘vergrijzing’ voelbaar. Het is het omgekeerde van het overmoedige blonde en gezonde Germaanse gedachtegoed van een eeuw geleden, alsof Europa levensmoe is.


Volgens Thilo Sarrazin, een oud-SPD-politicus die met een beroep op ‘de moderne wetenschap’ een omstreden bestseller heeft geschreven, is Duitsland bezig om zichzelf op te heffen en wordt het land als gevolg van demografische veranderingen (vergrijzing en massa-immigratie) steeds dommer. Het is de ondergang van het oude Avondland, maar dan in een nieuwe fase, waarin het seculiere en te weinig kinderen producerende Europa het hoofd in de schoot heeft gelegd en naar Mekka buigt. Het is een boodschap die ook van de bejaarde Duitse paus in Rome had kunnen komen. Maar hij zegt het in andere bewoordingen en maakt zich zorgen over een toenemend nihilisme in een Europa dat zich van de Kerk heeft afgewend. In de visie van het Vaticaan schuilt juist daarin het gevaar van nazisme.

Het is cultuurpessimisme troef. Met enig pathos kun je stellen dat Europa in de ban is van net zo’n ondergangsgevoel als honderd jaar geleden. Ook toen was er angst om door oprukkende horden uit het Oosten te worden overlopen en maakten fijnbesnaarde geesten zich in de Duitstalige wereld zorgen om de eigen superieure Kultur. Maar de verschillen zijn groot. Er is minder grootspraak dan toen, en meer ontnuchtering. De kloof tussen hoge en lage cultuur is vervaagd en gedemocratiseerd, de angst voor het opkomende socialisme verdwenen. Links heeft elke vitaliteit en geloof in zichzelf verloren. Het is nostalgisch geworden, terwijl rechts nu het patent op ‘modernisering’ heeft. Het is de versuffing van links, dat zich alleen nog in de eigen loopgraven verschanst, waaraan deze grijze herfst is te danken. Voordeel is wel dat nieuwe generaties doodgaan aan ouderdom en verschraalde zorg, en niet meer op het slagveld, als het volle leven nog had moeten beginnen.

import dirk jan van baar