Nederlandse bankensector moet nog halveren

Tussen 2008 en 2011 gingen, volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek, in de Nederlandse bankensector zo’n 17.000 banen verloren. Er zijn dan nog 140.000 banen in deze sector over, maar de officiële cijfers over het aantal ontslagen in 2012 zijn nog niet bekend. Wel werden er dit jaar ruim 5000 ontslagen aangekondigd.

Dat gaat hard zult u denken. Maar nog lang niet hard genoeg. Volgens recente onderzoeken, onder meer van de Bank for International Settlements (BIS), is het ongezond als in een land de financiële sector meer dan zo’n 3.5 tot 4 procent van het BBP uitmaakt. In Nederland is dat nog altijd 7 procent, en dus ligt de conclusie voor de hand dat we ondanks de harde klappen het ergste nog niet hebben gezien.

Waarom is 7 procent te veel en 3,5 procent ideaal? De BIS, maar ook andere instituten, keken naar de gezondheid van economieën, afgezet tegen de grootte van de financiële sector. Er bleek een direct verband te zijn tussen de mate van economische groei en de omvang van banken en financiële dienstverlening. Hoe groter de financiële sector, hoe zwakker de groei en hoe groter zelfs de kans op een krimp van de economie. Een paar voor de hand liggende voorbeelden zijn er zeker: IJsland, Ierland, Spanje en zelfs Zwitserland.

De twee effecten van een te grote financiële sector
In het algemeen is een economie die in grote mate op diensten draait niet gezond. Diensten kosten geld dat op andere wijze door de klanten verdiend moet worden. Je kunt niet uitsluitend diensten verlenen. Bij de bankensector komt daarbij nog eens dat de dienst, in de basis niets anders dan geld aantrekken en weer uitzetten, gewoonweg te duur is als daarmee 7 procent van de economie is gemoeid. Die 7 procent wordt immers door de overige 93 procent opgebracht. Financiële diensten zijn dan al snel te duur en remmen daarmee de groei van bedrijven die waarde toevoegen.

Afgezien van de bonuscultuur is het ook in het algemeen zo dat werknemers bij banken zeer forse salarissen verdienen. Dat was altijd al zo maar de afgelopen tien jaar zijn die salarissen gemiddeld ook nog eens met circa 50 procent gestegen. Ze laten met die stijging elke andere sector fors achter zich. En nu keert de wal het schip.

Uit het onderzoek van de BIS blijkt ook dat hoe sneller de financiële sector groeit, hoe vertragender dat uitwerkt op de rest van de economie. Dat gaat zeker ook voor Nederland op.

Dr. Doom is een pseudoniem. Als belegger is hij verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van Beleggingsvereniging Fibonacci. Op het moment van het schrijven van deze column heeft de vereniging posities in Ahold, Akzo Nobel, DSM, Heineken, KPN, Shell en Unilever en is Neutraal in de AEX. De positie in de AEX is kortlopend en wisselt regelmatig. Die kan dus nu al anders zijn. Volg Dr Doom op Twitter.
———
Volg HP/De Tijd ook op Twitter en Facebook.