Tiger Woods wil turbo-golfen

Toen in 1843 bij een internationaal schaaktoernooi in Londen de toeschouwers na een marathonpartij van veertien en een half uur woedend hun entreegeld terugeisten, besloten schakers uit verschillende landen dat het zo niet langer kon. Het moest sneller. 

Een Sitzkrieg heette het toen als schakers besloten meerdere uren uit te trekken om hun zet te doordenken. Geen tactiek die op veel sympathie van de neutrale kijker kon rekenen, al moet het alle ruimte hebben geboden voor de betere karakterstudie.

Excessen als deze moest het hoofd geboden en dus introduceerde het schaken in 1870 voor het eerst op een groot toernooi een officiële tijdmeting die voorstond dat er twintig zetten per uur gedaan dienden te worden. Jaren later kwam er de officiële schaakklok die het tempo in de sport definitief verzekerde. Schaken mag dan tegenwoordig nog steeds geen goede kijksport zijn, populair is het nog immer.

Een Sitzkrieg van enkele uren zul je in het golf niet zo snel tegenkomen. Toch zijn ook Tiger Woods en zijn collega’s er niet vies van flink wat tijd uit te trekken voor het bestuderen en doordenken van de perfecte swing. Ruim honderdvijftig jaar nadat de schaakwereld besloot dat het allemaal wat sneller mag, lijkt nu ook de golfwereld een moderniseringsslag te willen maken ten behoeve van de toeschouwer.

Met Tiger Woods als gezicht, voert de United States Golf Association (USGA) sinds kort campagne om golfers er van te overtuigen dat het geen kwaad kan af en toe een beetje het tempo er in te houden. In een reclamespot krijgt een treuzelende Woods op de midgetgolfbaan van een stel kinderen te horen dat het allemaal wat sneller mag. “While we’re young,” roepen ze, verwijzend naar een comedy uit de jaren ’80 waarin het golfspel al op de hak werd genomen.

Ze moeten er voor terug naar de jaren tachtig, maar ook de golfwereld probeert met z’n tijd mee te gaan.