Histoire de l’étape 1: een bus

Net toen het Nederlandse commentaarduo Dijkstra & Ducrot op het punt stond te sterven van onversneden verveling, gebeurde er iets geks. Ze zaten eerste rang en konden de mensen thuis dus live op de hoogte houden van wat er zich daar in Bastia allemaal afspeelde.

‘Hier aan de streep rijdt nu een bus tegen het finishdoek aan,’ mompelde Herbert, op de geroutineerd-verveelde toon van de bereden politie in Blik op de Weg. ‘U kunt dat thuis niet zien.’

Een bus
Daarna gingen ze weer over tot het opsommen van de renners voor in het peloton. Een hele klus, want ‘iedereen wil immers voorin zitten’. En dus somden Herbert en Maarten voor de zekerheid de hele deelnemerslijst op.
Het was duidelijk dat het NOS-duo zich grondig had voorbereid op de finish van tweehonderd wielrenners. Rugnummers uit het hoofd geleerd, voorbereidingskoersen gekeken, parkoers verkend.

Nu was er een bus. Daar was hen niets over verteld, over een bus. Ze waren naar Frankrijk gekomen om verslag te doen van een wielerkoers en niet om de ramptoerist uit te hangen. En daarom zwegen ze er in eerste instantie maar even over.
Ondertussen stond er een bus muurvast op een finishlijn waar een tweehonderdkoppig peloton op afraasde.
‘Er is hier nu wel paniek,’ zei Maarten Ducrot en je hoorde een voorzichtige opgetogenheid in zijn stem.
‘Als die bus wegrijdt, stort de hele boel in,’ voegde Dijkstra er opgewonden aan toe.
‘Wacht, ik maak een foto,’ zei Ducrot.

Quick & Flupke op Corsica
En terwijl de Tour de France al tijdens de eerste rit volledig in het water dreigde te vallen, werden Herbert Dijkstra en Maarten Ducrot live dertig jaar jonger. Jongens werden ze, maar aardige jongens. Het ene moment analyseerden ze nog met Clingendael-serieux de omtrekkende bewegingen van de troepen van de generaals Cavendish en Greipel, het volgende waren ze veranderd in Quick en Flupke, in jongens die onderweg naar school een brandweerauto met sirene langs zien rijden en er zonder na te denken achteraan hollen.

De paniek op de streep nam toe, het peloton naderde en Herbert & Maarten konden hun aandacht nauwelijks nog bij de wedstrijd houden. Het was korte tijd stil, zoals het wel vaker even stil is tijdens een wielerkoers. Maar deze stilte was anders. Het was een omineus gegons. Het  gonzen van twee jongens die in alle stilte uit het raampje van hun commentaarcabine zijn geklommen om te helpen een bus opzij te duwen.