Toch blijft internet een beetje goochelen

Als je nu zeven bent, raak je al jong vertrouwd met digitale media. Kinderen die opgroeien zonder computer zijn eigenlijk de analfabeten van de toekomst, schreef ik in een stuk dat afgelopen week in Spits stond.

Kinderen van nu zijn digital natives, zei een deskundige in hetzelfde artikel. Een kind van twee snapt de iPad misschien nog sneller dan zijn oma. Tablets en smartphones zijn de ideale manier om dreumesen en peuters rustig te houden in restaurants: let maar eens op hoeveel je er ziet. Er bestaan zelfs speciale iPadhouders voor de kinderstoel. Geen basisschoolkind heeft een gebruiksaanwijzing nodig bij zijn DS of de Wii van zijn vriendjes. Als je ermee groot wordt, snap je het: die universele taal van digitale techniek.

Ik weet nog hoe wanhopig mijn moeder werd omdat ze haar nieuwe mobiele telefoon, die ze mee had genomen op vakantie naar Italië, niet snapte. Eenentwintig jaar geleden. Nog steeds wordt ze zenuwachtig als ze de nieuwe versie van Flash moet installeren om een filmpje te kunnen openen. Helemaal zeker weten doe ik het niet, maar ik vermoed dat mijn zoon van zeven ongeveer evenveel of even weinig moeite zou hebben met het downloaden van de nieuwste versie van Flash.

En toch blijft het internet magisch. Magisch abstract, en onbegrijpelijk. Zelfs als je zeven bent.
Mijn zoon vroeg of hij op mijn computer mocht, omdat er op de Legoverpakking een plaatje van een laptop stond en een code. Als je de code zou invoeren, dacht hij, kon je filmpjes bekijken. “Waar moet je die code dan invoeren?” vroeg ik hem.
Hij mompelde iets met een ‘goochelprogramma’ en ik snapte het niet, maar hij heeft het wel vaker over dingen die ik niet snap.
We startten de computer op en ik liet hem het icoontje van internet zien. “Daar moet je op drukken,” zei ik, ‘dan opent automatisch Google.”
“Goekel?” vroeg hij verbaasd. Het witte scherm met de bekende blauwe, rode, gele en groene letters, opende ondertussen.
“Maar mama, dat bedoelde ik precies!” Hij las de letters hardop. “Gooogelen.”

Voortaan noem ik Google ook het goochel-programma.