‘NOS en NPO niet voorbereid op Tarik Z.’

NOS en NPO hebben weliswaar geïnvesteerd in veiligheid en beveiliging, maar waren niet voorbereid op een gijzeling en zenderverstoring zoals op 29 januari door Tarik Z. in gang werd gezet. Dat stelt het COT Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement, dat op verzoek van NPO en NOS onderzoek deed naar de gebeurtenissen. Het rapport werd donderdag gepubliceerd.

Op 29 januari drong de gewapende student kort voor het NOS Journaal van 20.00 uur de redactie binnen en eiste zendtijd. Uit een reconstructie van en onderzoek naar de gebeurtenissen blijkt dat de periode waarop niet werd uitgezonden op NPO1 korter had kunnen duren, maar dat een onderbreking van de uitzending niet te vermijden was.

Volgens het COT kregen medewerkers nu voor het eerst te maken met een ernstige calamiteit die zowel ‘breaking news’ was als waarvan zij zelf het slachtoffer waren.

Charlie Hebdo
In het rapport wordt aangestipt dat na de aanslag op Charlie Hebdo in Parijs op 7 januari geen nieuwe risicoanalyse is gemaakt. “Hiertoe was wel aanleiding, zowel in relatie tot de ontwikkeling dat media mogelijk vaker doelwit van aanslagen zijn als vanwege mogelijk kopieergedrag,” zo staat in het rapport. Volgens de onderzoekers valt niet te zeggen of en in welke vorm een dergelijke analyse tot maatregelen zou hebben geleid. Bovendien zullen zich ‘onder dergelijke omstandigheden altijd knelpunten voordoen waarop niet is voorbereid’.

Het COT doet een reeks aanbevelingen waar zowel bij NOS als NPO verbeteringen mogelijk zijn. Die moeten worden gezocht in de gezamenlijke voorbereiding op calamiteiten en het managen van de crisis zelf.