‘Het druk hebben’ als nieuwe statussymbool. Enkele bedenkingen

In De Standaard staat vandaag een interessant artikel (Blendle) over de drukte die ons leven beheerst. We hollen van hot naar her, zitten voortdurend in tijdnood en ervaren druk om alles te beleven – en wel nu! De heersende culturele norm is dat we iets van ons leven moeten maken, wat ertoe leidt dat we zo veel mogelijk willen doen. Wie geen druk leven heeft is lusteloos, lui zelfs.

Een zeer herkenbaar beeld bij mezelf en in mijn hoogopgeleide Randstedelijke omgeving. Afspreken is lastig want er staan nog wat dingen ‘open’ in de agenda. “Ik laat je weten of het lukt.” Op Facebook word ik dagelijks geconfronteerd met vrienden, die zo lijkt het, twee festivals per week bezoeken, al dan niet in godverlaten oorden in de VS (Burning Man) of Afrika (Africa Burn), minimaal twee op wintersport, afgezien van de onvermijdelijke backpackers en wereldreizigers.

Tijdens verjaardagen valt me op dat zo’n rondje Zuid-Amerika bijna iedereen langs dezelfde steden en plekken voert, wat bij mij niet het beeld oproept van een avonturier pur sang, maar van Japanners die met een selfiestick een foto nemen om daarna weer in de bus naar de volgende hotspot te rijden. Door het grote aantal ervaringen zijn ze vluchtiger stelt socioloog Theun Pieter van Tienoven, een ervaring uit het verleden is snel achterhaald.

Een andere belangrijke keerzijde van de beleveniscultuur is de ervaren (tijds)druk. Uit onderzoek blijkt dat we de afgelopen jaren een gelijkblijvend of toegenomen aantal uren vrije tijd hebben, maar dat we desondanks in de laatste vijftien jaar meer tijdsdruk zijn gaan ervaren. Fear of Missing Out (veelal afkort tot FOMO) zorgt voor keuzestress en veel van onze prestigieuze plannen worden door tijdgebrek nooit in daden omgezet, wat tijdsdruk creëert. Toch willen we niet minderen. Het druk hebben, concludeert Van Tienoven, is tegenwoordig een statussymbool.

De vraag is of we inmiddels tegen de grenzen aanlopen van onze meemaakcultuur. Want in hoeverre is het nog een verrijking, een indrukwekkende blijvende belevenis? ‘Ik wil niet wennen aan jou’, zongen Acda & De Munnik over een nieuw liefje – tegen beter weten in. Ook het afwijkende wordt normaal als je er (te) veel van consumeert. Van Tienoven haalt wijselijk Jean-Jacques Rousseau aan die beweert dat je op twee manieren je leven rijker kunt maken: door meer geld (of tijd) te geven, ofwel je verlangens in te tomen.

Kauw daar maar even goed op, als je er tijd voor kunt vinden.