Waarom D66 blij moet zijn met het EU-referendum van GeenPeil

Het referendum over het associatieverdrag tussen de EU en Oekraïne is met een indrukwekkende hoeveelheid steun afgedwongen. Niet de benodigde 300.000 handtekeningen werden aan het Kiesraad overhandigd, maar liefst 450.000, een overschrijving van 50 procent. Zoals op verschillende plaatsen al geconstateerd is het bewerkstelligde referendum vooral een statement van initiatiefnemer en journalist Jan Roos van GeenPeil, een maatschappelijke schreeuw om aandacht voor een standpunt dat politiek nauwelijks gehoor krijgt – uitgezonderd op het uiterst linkse en uiterste rechtse politieke spectrum.

De afgenomen steun voor Europa is voor een belangrijk deel het gevolg van een algemene gevoel dat een individuele lidstaat nauwelijks invloed kan uitoefenen over wat er zich in Europa afspeelt – terwijl juist Europa een steeds grotere invloed uitoefent op lidstaten. Bij de afgelopen Europese verkiezingen wonnen anti-EU-partijen fors, maar in plaats dat Europa zich behoudender opstelt dendert de Europese trein onverminderd – zo niet: harder – voort.

D66 is een van de initiatiefnemers van de wet die dit referendum mogelijk maakt, maar heeft zich desalniettemin tegen dit referendum gekeerd omdat het volgens de Democraten wordt misbruikt voor het aanwakkeren van anti-EU sentiment. Daar heeft men zeker een punt. Niet dit associatieverdrag staat centraal, maar het Europese ‘project’ als geheel. Bovendien dragen ongefundeerde claims dat de EU landen als Oekraïne, Moldavië en Georgië wil ‘inlijven’ en deze landen als gevolg van het sluiten van een associatieverdrag netto-ontvangers worden, niet bij aan het ‘redden van de democratie’, de nogal pretentieuze slogan waaronder Geenpeil opereert.

Maar het ‘misbruik’ van Geenpeil is wat mij betreft een zegen. Het referendum zet Europa op de kaart. Rond de verkiezingen en gedurende de afgelopen jaren vond het debat hierover onvoldoende plaats. Het wantrouwen dat spreekt uit bijna een half miljoen handtekeningen moét nu serieus worden genomen.

Toen er in juli werd gepleit voor een Europese regering stelde ik op deze plek dat wie Europa een warm hart toedraagt nu op de rem moet trappen in plaats van gas te geven. Nu pleiten voor méér Europa is krampachtig vasthouden aan een idee dat onvoldoende draagvlak heeft en dat zal averechts uitwerken. GeenPeil is een overduidelijk voorbeeld. Als GeenPeil zoveel mensen op de been kan brengen om een anti-stem uit te brengen is het aan de pro-Europeanen om eenzelfde mankracht op de been te brengen. Ik zie uit naar de debatten die in aanloop naar het referendum worden georganiseerd.

Pechtold en de zijnen moeten het referendum niet als misbruik zien, maar een geschenk uit de hemel om het draagvlak te vergroten. En lukt dat niet, dan moeten daar ook consequenties uit worden getrokken.