Oud-onderzoeker UvA maakt zich zorgen over ideologische eenzijdigheid op universiteiten

Nederlandse universiteiten stellen zich veelal lijnrecht op tegenover de bekende conservatieve politieke partijen en grote delen van de bevolking. Josse de Voogd, geografisch onderzoeker en tot voor kort verbonden aan de UvA, maakt zich grote zorgen om de ideologische eenzijdigheid van Nederlandse universiteiten.

Dat met name sociale en geesteswetenschappers zich nadrukkelijk uitspreken over maatschappelijke kwesties, daar is natuurlijk niets mis mee. Maar de soms bijtende toon van hun retoriek vormt zich niet zelden naar de extreme, regelmatig generaliserende geluiden uit het conservatieve kamp. Zo blijkt uit het verhaal van De Voogd. Het uitspreken oogt soms zelfs populistisch: radicaal inzetten en maar hopen maar iets te bereiken.

Progressief en kosmopolitisch geluid heeft de macht

Volgens De Voogd — die zichzelf omschrijft als een ‘Groen-Linksig’ type — is sprake van een nogal grote overmacht van het progressieve en kosmopolitische geluid in de collegezalen. De diversiteitscommissie van de Universiteit van Amsterdam, die een tekort aan diversiteit aan de universiteit constateerde en pleitte voor krachtige maatregelen, is hier een voorbeeld van.

Hij uitte zijn kritiek op de commissie reeds in augustus. De Voogd stelt dat het onderzoek nogal selectief en gekleurd is. “Uit de cijfers blijkt gewoon dat dertien procent van de studenten een niet-westerse achtergrond heeft. Inderdaad iets minder dan de zestien procent niet-westerse allochtone Nederlanders van alle jongeren van achttien. Maar tegelijkertijd vormen niet-westerse allochtone Nederlanders slechts acht procent van alle vwo’ers. Sociale klasse zal daar een rol bij spelen. Vergeleken met die acht procent is dertien procent op de UvA en een landelijk gemiddelde van twaalf procent niet-westerse allochtone Nederlanders op de universiteit juist best hoog.”

Het probleem is dat de diversiteitscommissie van de UvA de demografische samenstelling van wil Amsterdam nabootsen, zo staat in het rapport. De Voogd: “Terwijl die stad, waar de meerderheid van jonge bevolking allochtoon is, natuurlijk geen afspiegeling van Nederland vormt. Studenten komen daarentegen uit het hele land en je moet er voor waken dat emancipatie niet weer een andere groep buitenspel zet.”

Amsterdam-West is dichterbij dan Oost-Drenthe

Het lijkt op een geval van preken voor eigen parochie. De Voogd: “Het resultaat hiervan is dat mensen hun geloof in de wetenschap verliezen, dat zie je in Amerika. Universiteiten moeten niet zo politiek stelling innemen, of in ieder geval niet zo nadrukkelijk eenzijdig. Wetenschap dient objectief te zijn.”

Zou een intellectuele elite niet beter moeten weten? Ze zorgt er op deze manier mede voor dat de publieke ruimte waarin het debat omtrent diversiteit en discriminatie wordt besproken ernstig vervuild raakt. En inmiddels hangt er in dat deel van de publieke ruimte inderdaad een geur waarvoor de taal geen naam heeft.

Die zich het best laat vergelijken met de historische woorden die een Fransman lang geleden schreef: ‘Het vertrek verkilt, heeft een vochtige lucht, die in de kleren doordringt. […] Mogelijk zou het zich laten beschrijven indien men een methode kon vinden om de elementaire en walgelijke grootheden, die de catarrale atmosferen van elke pensiongast, hetzij jong of oud, sui generis eraan toevoegen, te schatten.’

Volgens hem bestaat er – tegen alle linkse clichés in – zelfs gegronde reden te vermoeden dat zodra niet-westerse allochtone Nederlanders eenmaal op het vwo zitten, de kans groter is dat ze daarna op de universiteit belanden dan autochtone Nederlanders. “Althans, daar lijkt het op als je de cijfers naast elkaar legt. Er zitten namelijk relatief meer allochtone Nederlanders op de universiteit dan op het vwo.”

“Onder autochtone Nederlanders zijn blijkbaar meer afhakers,” vervolgt hij. Hij oppert dat de stap om vanuit het oosten van Drenthe of het westen van Zeeland te gaan studeren wellicht groter is dan vanuit Amsterdam-West, dichtbij de universiteit. “Verschillen tussen autochtone en niet-westerse allochtone Nederlanders kunnen wel eens heel anders uitvallen wanneer je dezelfde sociale klassen vergelijkt vanuit geografisch oogpunt.”

Gebrekkig ‘links’

Progressieve partijen laten zich teveel leiden door identiteitspolitiek, zo stelde Mark Lila, hoogleraar geesteswetenschappen aan Columbia University in New York, in een recent interview. Inderdaad, progressief – vaak wordt onzorgvuldig de term links gebruikt – lijkt de laatste tijd vooral te duiden op de inzet voor emancipatie van diverse subgroepen en -culturen. En deze emancipatiedrang, die gerechtvaardigd is en hier ook niet ter discussie staat, wordt sterk en op nogal eens intolerante wijze gevoed vanuit de universiteiten.

De Voogd krijgt weleens te horen dat het uiten van zijn opinie niet goed is voor zijn wetenschappelijke integriteit. “Maar andersom kun je je hetzelfde afvragen over mensen die wel in het straatje passen. Het is jammer dat er niet meer tegengeluid valt te horen vanuit ‘linkse’ hoek.”

Het lijkt problematische materie voor een gestroomlijnde loopbaan op de universiteit. Binnenkort volgt het tweede deel van het gesprek met oud-UvA onderzoeker Josse de Voogd. Daarin meer voorbeelden en duiding.