Vroeger was alles slechter

1: de oliecrisis (1973)

Stel u voor: premier Mark Rutte vordert binnenkort zendtijd op alle televisienetten en radiozenders omdat hij dringend het Nederlandse volk wil toespreken. In die toespraak zegt hij op dramatische toon dat we ‘met elkaar moeten beseffen dat we niet kunnen doorgaan met het verbruik van beperkte voorraden brandstoffen en grondstoffen zoals we in de laatste kwarteeuw hebben gedaan’.

Ondenkbaar? PvdA-premier Joop den Uyl dééd het – op zaterdagavond 1 december 1973. Nederland was destijds in de greep van de zogenoemde oliecrisis. Die was begonnen toen de OPEC, de organisatie van olie-exporterende landen, had besloten de olieprijs met liefst 130 procent te verhogen. Een aantal Arabische landen had ook nog eens een olieboycot tegen Nederland ingesteld – vanwege onze steun aan Israël tijdens de Jom Kippoeroorlog van oktober 1973.

Om een dreigend brandstoftekort het hoofd te bieden, kondigde het kabinet-Den Uyl tussen 4 november 1973 en 6 januari 1974 tien keer op rij een autoloze zondag af, ging benzine twee maanden lang op de bon en werd op autowegen en autosnel-wegen een maximumsnelheid van 100 kilometer ingesteld. Alleen die laatste maatregel heeft de oliecrisis overleefd. Dat wil zeggen: de limiet is daarna nog wel verhoogd, maar nooit meer afgeschaft. RB

Meer leuke content? Like ons op Facebook