Spring naar de content
bron: Shutterstock

Weg met de zomertijd

Eind maart gaat de klok een uur naar voren. Zomertijd. De maatregel werd veertig jaar geleden ingevoerd om energie te besparen. Maar de roep om hem af te schaffen klinkt steeds luider. ‘Er bestaan gewoon geen voordelen.’

Gepubliceerd op: Geplaatst in de volgende categorieën:
Geschreven door: De Redactie

Al jaren voert lerares Nederlands Anouk Verhaaff een verbeten strijd tegen de zomertijd – ofwel het vooruitzetten van de klok in de lente. Het begon ooit met een Hyvespagina – “Kun je nagaan hoe lang ik hier al mee bezig ben.” Vervolgens richtte ze de actiegroep Stop de Zomertijd op.

 

[blendlebutton]

Het komt allemaal voort uit persoonlijke ergernis. “Zo lang ik me kan herinneren, heb ik een bloedverziekende rothekel aan dat ene uurtje dat straks weer naar voren gaat,” zegt ze. “Ik moet voor mijn werk om half zes op. Ik ben altijd een vroege vogel geweest, dus dat is niet erg. Maar als de klok naar voren gaat, blijft het voor mijn gevoel standaardtijd: half vijf dus. Dan kun je wel zeggen: ga een uur eerder naar bed, maar voor mijn lijf is het dan geen bedtijd. Dus dan ga ik liggen malen en val ik niet in slaap. Ik ben iemand die veel slaap nodig heeft, dus na zo’n korte nacht voel ik me rot. Dat wordt een vicieuze cirkel waar ik niet uitkom. Pas als eind oktober de klok weer naar standaardtijd gaat, kan ik uitademen. Dat kun je overdreven vinden en dat zal best, maar ik heb er gewoon last van.”

Verhaaff staat niet alleen. De petitie voor het afschaffen van de zomertijd, die ze vorig jaar aanbood aan CDA-Europarlementariër Annie Schreijer-Pierik, is inmiddels 43.000 keer ondertekend. Ook in landen als België, Frankrijk, Duitsland en Finland bestaan actiegroepen die zich sterk maken tegen de zomertijd.

Zeventig Europarlementariërs verenigden zich bovendien in een ‘informele werkgroep tegen het klok verzetten’. Zij presenteerde vorig jaar een oproep aan het Europees Parlement om de zomertijd te stoppen – want die maakt sinds 2001 deel uit van de Europese wetgeving. Ook talloze wetenschappers spreken zich uit tegen het verzetten van de klok.

De zomertijd werd in Nederland ingevoerd in 1977. Het idee erachter was dat je er energie mee kon besparen. Het zou ’s avonds immers een uur langer licht zijn, zodat de lampen later aan konden. Dat het ’s ochtends ook een uur langer donker zou zijn, werd voor het gemak buiten beschouwing gelaten.

Ideeën over het vooruitzetten van de klok om daarmee energie te besparen, gaan overigens veel verder terug in de tijd. In de achttiende eeuw suggereerde de Amerikaanse wetenschapper Benjamin Franklin bij wijze van grap dat mensen konden besparen op de kosten voor kaarsen door eerder op te staan en vroeger naar bed te gaan.

Het idee om de klok daadwerkelijk te verzetten, wordt meestal toegeschreven aan de Nieuw-Zeelandse entomoloog George Hudson. Hij kwam eind negentiende eeuw op de gedachte om de klok in de zomer twee uur vooruit te draaien. Extra daglicht in de avond kwam hem namelijk goed uit als hij na zijn dagelijkse werkzaamheden insecten ging zoeken voor zijn onderzoek.

Duitsland was het eerste land dat van staatswege de zomertijd invoerde. In de Eerste Wereldoorlog werd daar de klok verzet met als doel op steenkool te besparen. Talloze Europese landen, waaronder Nederland, volgden het Duitse voorbeeld. Na de Tweede Wereldoorlog schaften veel landen de zomertijd weer af omdat boeren erover klaagden – zij moesten immers een uur eerder opstaan om de koeien te melken. Maar in de jaren zeventig, ten tijde van de oliecrisis, voerden veel landen de zomertijd weer in om energie te besparen.

“Het is nooit aangetoond dat die maatregel leidt tot een significante energiebesparing. Er bestaat zelfs een Amerikaans onderzoek waaruit blijkt dat het leidt tot méér energieverbruik,” zegt de Groningse chronobioloog Marijke Gordijn. Zij is een van de wetenschappers die zich uitspreekt voor het opheffen van de zomertijd.

Het onderzoek waarop ze doelt, stamt uit 2008. De onderzoekers bekeken energierekeningen voor en na de invoering van de zomertijd in de Amerikaanse staat Indiana. Het elektriciteitsverbruik bleek één tot vier procent omhoog te gaan, omdat mensen op warme avonden de airconditioning langer aan hielden en op koude ochtenden meer stookten.

Maar Nederland is Indiana niet: onze woonhuizen zijn meestal niet uitgerust met airconditioning. Uit een Tsjechische meta-analyse uit 2016 blijkt dan ook dat zomertijd in noordelijke landen wel iets van energiebesparing oplevert, maar marginaal. Noorwegen zou met een half procent de meeste energie besparen. De Nederlandse energiebesparing zou op 0,165 procent uitkomen. De grote vraag is: weegt die marginale besparing op tegen de nadelen van de zomertijd? Want daarover is de laatste tijd steeds meer bekend geworden. Zo zijn er studies waaruit zou blijken dat door het vooruitzetten van de klok het aantal verkeersongelukken toeneemt. Omdat automobilisten ’s ochtends moe of slaperig zouden zijn.

“Maar er zijn ook onderzoeken die geen verband tussen het verzetten van de klok en verkeersongelukken laten zien,” zegt Gordijn. “Veel duidelijker is het nadelige effect van de zomertijd op onze slaap en onze slaapkwaliteit. Ik heb lang gezegd: ik neem hierover als wetenschapper geen standpunt in, maar de laatste jaren is er voldoende wetenschappelijk bewijs verzameld. Toen ben ik openlijk gaan zeggen: dit moeten we niet willen. De zomertijd verplicht ons om blijvend een uur vroeger op te staan gedurende de zomer. En dat is niet zo simpel als het op het eerste gezicht lijkt. We moeten op een andere tijd slapen dan onze biologische klok aangeeft en dan eigenlijk goed voor ons is. Mensen die geneigd zijn wat later op te staan, hebben veel moeite om zich daaraan aan te passen. Uit onderzoek blijkt dat ze zich de eerste vier weken na het verzetten van de klok in ieder geval niet aanpassen. We weten niet of ze dat überhaupt wel doen. En die late types vormen ongeveer twintig procent van de bevolking. Dat is een grote groep en die heeft hier moeite mee. Je kunt zeggen: wat maakt dat nou uit, dat ene uurtje. Maar als je bedenkt dat mensen gemiddeld zevenenhalf uur slapen, dan is een uur best veel.”

Maar er is meer. Uit een Zweedse studie blijkt bijvoorbeeld dat in de week nadat dat de zomertijd is ingegaan, het aantal hartaanvallen met vijf procent toeneemt. Daarnaast is er, als in het najaar de wintertijd ingaat, een verlaging van het aantal hartaanvallen te zien, maar die is kleiner: slechts 1,5 procent.

“De verklaring voor die toename is dat mensen korter slapen en eerder moeten opstaan. Onze biologische klok zorgt ervoor dat ons lichaam zich voorbereidt op wat gaat komen. Voordat je opstaat, stijgt je bloeddruk en ook je cortisolniveau. Je lichaam bereidt zich erop voor dat het actief gaat worden. Als je ineens een uur eerder opstaat, is je lichaam daar niet klaar voor,” legt Marijke Gordijn uit. “Voorstanders van de zomertijd zeggen tegen mij: ja, maar ik vind dat uurtje langer licht ’s avonds zo lekker. Ik antwoord dan dat ze dat ook zelf kunnen bewerkstelligen door een uur eerder op te staan en hun dag te verschuiven. Er is namelijk niet meer licht, je verschuift alleen je dag. Maar dan zeggen ze: dat wil ik niet, want dan ik moet de wekker ’s ochtends om zes uur zetten. Maar in werkelijkheid gaat de wekker tijdens de zomertijd ook om zes uur, alleen houden we onszelf voor de gek door te zeggen dat het zeven uur is. Ik vind dat bizar. Als mensen het vanuit zichzelf zouden doen, vinden ze dat ze te vroeg op moeten, maar als het van overheidswege wordt opgelegd, dan is het opeens heerlijk dat het ’s avonds een uur langer licht is.”

“Zomertijd is niets anders dan: we gaan allemaal een uur eerder werken,” zegt de Duitse chronobioloog Thomas Kantermann (39), die onderzoek deed naar de effecten van zomertijd op de gezondheid. “En dat leidt tot slaapgebrek. Er zijn tal van onderzoeken gedaan waaruit de vele nadelige gevolgen voor onze gezondheid blijken: een toename van depressies, van gedachten aan zelfmoord, slechtere prestaties op het werk, beroertes en hartproblemen. De kern van de zaak is dat je er een mini-jetlag mee veroorzaakt en dat is ongezond. En we hebben het niet over een kleine groep mensen: een vierde van de wereldbevolking wordt van overheidswege aan zomertijd onderworpen. Dat zijn verdomd veel mensen. Als de EU zou besluiten de zomertijd af te schaffen, zou dit de gezondheid van veel mensen bevorderen, zonder dat ze daar een cent aan kwijt is.”

Kantermann is ook niet wars van een beetje complotdenken over de vraag waarom de zomertijd nog steeds niet is afgeschaft. “Je kunt heel achterdochtig zijn en zeggen: door de zomertijd ontstaan gezondheidsrisico’s, waardoor meer medicijnen worden verkocht, en daar verdient de farmaceutische industrie weer geld aan. Ik weet niet hoe de lobby daarachter werkt. Maar de farmaceutische industrie is tot veel in staat om meer medicijnen af te zetten; daar zijn genoeg voorbeelden van. Er moet een reden zijn waarom we nog steeds zitten opgescheept met die zomertijd. Iemand verdient daaraan.”

Toch lijkt afschaffing steeds dichterbij te komen. Afgelopen februari stemde het Europees Parlement erover. Voor de activisten was de uitkomst teleurstellend: er werd alleen besloten meer onderzoek te laten doen. “Het is íets, maar niet waarop we hadden gehoopt. Maar goed, ik ben hoe dan ook blij dat het een keer op de agenda is gekomen en heb vertrouwen dat het onderzoek zal uitwijzen dat de klok verschuiven nutteloos is,” zegt Europarlementariër Annie Schreijer-Pierik.

Zij verzette zich als Tweede Kamerlid al tegen de zomertijd toen de melkveehouders daar nog last van hadden. “Tegenwoordig zijn er melkrobots, dus dat probleem speelt niet meer. Maar waarom verplichten wij meer dan 500 miljoen Europeanen om twee keer per jaar de klok te verzetten als dat nergens voor nodig is? Frans Timmermans maakt zich als vicevoorzitter van de Europese Commissie sterk voor betere regelgeving. Nou, het zou een kroonjuweel van betere regelgeving zijn als we door die zomertijd een streep zouden zetten, het hele jaar door één tijd zouden aanhouden en daarmee het leven van al die mensen zouden versimpelen,” zegt zij.

“Een kleine overwinning,” noemt Anouk Verhaaff de uitslag van de Europese stemming. Maar ze ziet er wel erg tegenop dat zondag 25 maart de klok weer vooruit wordt geschoven. “Dan moet ik weer zeven maanden een uur te vroeg op,” zucht ze. “Maar ik geef niet op. Ik stop pas op met actievoeren als dat rommelen aan de klokken verleden tijd is.”

Marijke Gordijn is hoopvol gestemd. “Eerst werden de bezwaren weggelachen. Twee jaar geleden noemde een landelijk dagblad mij nog ‘tegendraads’. Dat gebeurt niet meer. Wat meespeelt, is dat er steeds meer oog komt voor het belang van slaap. Als we het over gezond leven hadden, ging het lange tijd alleen over voeding en beweging. Niemand had het over slapen. Maar wij zijn er als slaapwetenschappers echt in geslaagd het slapen op de kaart te zetten. Je slaapt een derde deel van je leven, het is zo belangrijk. Als het slapen niet goed gaat, gaat het in het overige twee derde deel van je leven ook niet goed.”

“Ik ga nog meemaken dat dit wordt afgeschaft,” zegt ook Thomas Kantermann optimistisch. “Er bestaan gewoon geen voordelen.”

[/blendlebutton]