New York bestrijdt rattenplaag met opossums. Gevolg: een opossumplaag

In het New Yorkse stadsdeel Brooklyn dachten ambtenaren Moeder Natuur te slim af te zijn door een rattenplaag te bestrijden met een natuurlijke vijand: de opossum. Geen slimme keuze. De opossums blijken zich namelijk vóórt te planten. Tja, welke ambtenaar had dat nou kunnen voorzien?

De ratachtige opossum (niet te verwarren met de Oceanische possum) doet zich graag te goed aan… nou ja, eigenlijk alles. Waaronder dus muisachtigen. Een tijdje geleden zijn ze daarom uitgezet in Brooklynse parken en onder de Coney Island promenade. De buideldiertjes moesten de stadsbewoners bevrijden van de nietsontziende ratten die zich door muren heen eten en met zijn vierentwintigen tegelijk ophouden in keukens van doodsbange flatbewoners.

Helaas heeft het ‘let nature take its course’-plan keihard gefaald. Naast dat de rücksichtsloze ratten namelijk blijven floreren, hebben de Brooklynites nu ook last van alom aanwezige opossums die door hun vuilnis rommelen, zich in hun tuinen ophouden en van hun fruitbomen vreten.

New York is overigens niet de enige stad die ongewenste epidemieën met natuurlijke vijanden bestrijdt, en daar bijbehorende problemen meekrijgt. De Australiërs zetten in 1935 overzeese giftige padden in om kevers te bestrijden die hun suikerrietoogsten opvraten. Inmiddels zijn de padden, die geen natuurlijke vijanden hebben in Australië, echter zelf een plaag geworden. Daarom besluiten de Ozzies deze weer aan te pakken met vleesetende mieren. And so the story continues..

Voor het geval ook Brooklyn opnieuw natuurlijke tegenstanders in wenst te schakelen, hier alvast [[popup file=”2010-09/afbeelding_200.png” description=”lijstje met de natuurlijk vijanden” align=”inline” ]] van de opossum. Vooral mensen in auto’s schijnen het goed te doen. Misschien wel zo veilig in de stad.

Karen Geurtsen