Van politici eis ik scepsis

“Politici hebben de plicht om optimistisch te zijn.” Frans Timmermans, ex-PvdA-staatssecretaris van Europese Zaken, zei het gisteren in Buitenhof, tijdens een debat over de eurocrisis. Meteen besloot ik dat ik nóóit op Frans Timmermans  zal stemmen.

Het is niet moeilijk om drie grote issues te vinden waarover de politici – al dan niet ‘verplicht’ –  te optimistisch waren. Zo was het onder hen heel lang usance om te roepen dat het prima ging met de multiculturele samenleving. Ja, er waren hier en daar wat incidentjes, maar daar moesten we het niet te veel over hebben, want dat was stigmatiserend. Iedereen weet wat er volgde. Timmermans’ partijgenoot Diederik Samsom heeft net nog een jaartje meegelopen met de straatcoaches in Amsterdam. Het was, geeft hij in interviews grif toe, een uitermate leerzaam jaar.

En neem de missie in Uruzgan. Een deskundige als Arnold Karskens, die de provincie grondig had verkend, was uitermate sceptisch over de resultaten die ‘wij’ daar zou kunnen behalen. Veiligheid en democratie brengen? De hearts & minds van de bevolking winnen? En dat blíjvend? De ervaren oorlogsjournalist geloofde er weinig van. Maar de Nederlandse politici wilden het niet horen – het was optimisme troef. Inmiddels weten we dat Afghanistan, alle westerse inspanningen en gesneuvelden ten spijt, niet alleen nog altijd een levensgevaarlijk, maar in vele opzichten ook nog steeds een achterlijk land is. Helaas willen veel Afghanen dat vooral zo houden. Het westen rest dus niets anders dan een roemloze aftocht.

En wat te denken van de euro? Als er één dossier is waarin het optimisme van een heel leger politici (waaronder Frans Timmermans) volstrekt misplaatst is geweest, is het de stabiliteit van de Europese munt. Broddelwerk hebben deze naïeve ‘optimististen’ geleverd. En nu moeten we diezelfde politici erop vertrouwen dat ze ons uit de door henzelf veroorzaakte crisis gaan halen? Ja dus. Daar kunnen we, betoogde Timmermans in Buitenhof met een zalvende glimlach, met z’n allen gerust optimistisch over zijn.

Zijn tegenstander in het debat, ex-Eurocommissaris Frits Bolkestein, wees het PvdA-Kamerlid terecht. “Politici hebben de plicht réalistisch te zijn zijn,” bromde hij. Griekenland moet dan ook uit de eurozone – alle andere opties zijn volgens hem onverantwoord. Bolkestein nam dan ook gepaste afstand van premier Mark Rutte, nota bene een partijgenoot, die voor de camera’s ook al zo lekker ‘optimistisch’ loopt te wezen en van een failissement van de Grieken (nog) niets wil weten.

Dit commentaar is dan ook niet zozeer gericht tegen de PvdA. Ik kan moeiteloos een kabinet samenstellen van realistische PvdA’ers. Nee, het is gericht tegen het slag politici dat denkt dat de burgers geen flauw benul hebben wat er aan de hand is.

Idealen zijn er om uit te leven in de opvoeding van je kinderen of als collectant voor Amnesty International. Van mensen die het land besturen verwacht ik – sterker: éis ik – een gezonde dosis scepsis.

boudewijn geels