Bultrug Johannes is een prachtig voorbeeld van dierendiscriminatie

Waarom worden dierenartsen die de bultrug uit zijn lijden verlossen ‘moordenaars’ genoemd, terwijl de slager in een slachthuis op geen enkele weerstand vanuit de samenleving hoeft te rekenen?

George Orwell schreef het al in zijn roman Animal Farm: “Alle dieren zijn gelijk, maar sommige dieren zijn meer gelijk dan andere.” Dat geldt ook voor het geval Johannes. Was hij in plaats van een grote bultrug een kleine haring geweest, dan hoorden we daar niemand over. Maar Johannes is geen haring, Johannes is een walvis. Zijn lot is voorpaginanieuws, het journaal besteedt er ruimschoots aandacht aan en op twitter is de vis dagenlang ‘trending topic.’

Dieren(on)gelijkheid
Waarom is er voor de dood van de bultrug wel veel aandacht, en voor de dood van een haring of een lammetje niet? Veel filosofen en rechtsgeleerden (van Jeremy Bentham tot Peter Singer) hebben zich in de loop der eeuwen beziggehouden met de vraag waar deze ongelijkheid op is gebaseerd. Ze zijn het over één ding eens: bepaalde dieren hebben voor de mens meer rechten dan andere. Volgens Bentham is het belangrijkste menselijke criterium: kan het dier lijden? Zo ja, dan vinden we het zielig en moeten we het helpen.

De intelligentie van een dier speelt dus een grote rol in het onderscheid dat wij maken tussen de verschillende diersoorten. Maar niet alleen intelligentie weegt mee in dat oordeel, ook vragen we ons af: kunnen we ermee communiceren? Hoe groot is de aaibaarheidsfactor? Ziet het er lief uit? En: vinden we het beest lekker?

Discriminatie
Dat laatste verklaart waarom we in het algemeen niet in opstand komen tegen slagers die de nek van een lammetje omdraaien. Een lammetje is lief, intelligent, maar bovenal ook erg lekker. Dus is het in de volksopinie niet erg dat het wordt vermoord.

Bij de bultrug is dit anders. Alle hierboven genoemde criteria zijn op hem van toepassing: we eten in Nederland geen walvisvlees, hij ziet er lief uit, lijdt zichtbaar en we kunnen er mee communiceren. En alsof het allemaal nog niet erg genoeg is, geven we het ook nog een naam.

Een slimme zet van de dierenbeschermers. Het hele land spreekt over de dood van ‘Johannes’, terwijl duizenden anonieme haringen en lammetjes vandaag onopgemerkt eenzelfde lot te wachten staat. Hypocriet en discriminerend? Ja. Want zo lang een dier bestrooid kan worden met uitjes of zachtjes gegaard kan worden in de oven, doen we niet moeilijk over zijn of haar dood.