Oorlog tussen dollar, yen, renminbi en euro. En dan ook nog de Zwitserse franc

Er zijn op dit moment interessante troepenbewegingen waar te nemen aan het valutafront. Zowel de Verenigde Staten als Japan en Europa hebben er belang bij hun munt in waarde te laten afnemen. Tegelijk hebben dezelfde partijen er belang bij dat dit met hun eigen munt wél en met die van de anderen niet gebeurt.

Waarom is dat en wat doen ze eraan?

Het zal geen geheim zijn dat zo ongeveer elk van de genoemde valuta staat voor een land – in het geval van de euro uiteraard de Eurozone – waar het economisch niet goed of niet goed genoeg gaat. Een land heeft twee grote groeimotoren: de binnenlandse consumptie en de export. Als beide motoren op hoge of hogere toeren draaien, dan draait de economie goed of hij komt beter op gang.

Binnen de Eurozone is dat ook precies het probleem. Zouden de zuidelijke landen hun munt kunnen devalueren, dan zou dat hun exportpositie direct ten goede komen.

Zwitserland heeft als enig land vorig jaar een krachtig signaal afgegeven. De franc is de afgelopen decennia enorm in waarde gestegen, relatief ten opzichte van de euro en alle andere belangrijke valuta. En nu niet roepen dat de euro nog niet decennia meedoet. Maar de daarin opgegane valuta wel. Eind jaren ’70 van de vorige eeuw leende ik Zwitserse francs tegen een naar Nederlandse maatstaven absurd lage rente en een koers van ongeveer 75 (gulden)centen. Omgerekend – de euro vertegenwoordigt ruim 2,2 guldens – is dat bij een koers voor de francs van ruim 80 eurocent – een enorme stijging.

Het signaal van Zwitserland was dat ze een hogere koers dan 1,20 per euro niet zou accepteren. Ze heeft dat niveau vervolgens met een paar flinke interventies afgedwongen maar sinds een paar dagen hapert de tegenaanval: de franc noteert hoger en dat maakt de exportpositie zwakker.

Na de recente regeringswissel in Japan wordt ook daar een actief beleid ingezet om de waarde van yen omlaag te krijgen om zodoende de export te verbeteren. De directeur van de Japanse Centrale Bank wordt zelfs – ongehoord! – onder druk gezet om mee te werken aan monetaire oplossingen die de inflatie omhoog moeten jagen.

Intussen spreekt Europa zich erover uit dat de euro zwaar overgewaardeerd is ten opzichte van de dollar. En vindt de VS dat de dollar weer zwaar overgewaardeerd is ten opzichte van de Chinese renminbi.

Dat wordt een hoop spierballengerol, uiteindelijk uitmondend in maatregelen zoals embargo’s en importheffingen. Of de wereldeconomie daar beter van wordt, ik heb mijn twijfels.

Dr. Doom is een pseudoniem. Als belegger is hij verantwoordelijk voor het beleggingsbeleid van Beleggingsvereniging Fibonacci. Op het moment van het schrijven van deze column heeft de vereniging posities in Ahold, Akzo Nobel, DSM, Heineken, KPN, Shell en Unilever en is Neutraal in de AEX. De positie in de AEX is kortlopend en wisselt regelmatig. Die kan dus nu al anders zijn. Volg Dr Doom op Twitter.
———
Volg HP/De Tijd ook op Twitter en Facebook.