Is onze God echt de beste?

Nieuws beweegt zich cyclisch. Het komt en gaat – en komt weer. Drie onderwerpen zijn onontkoombaar de afgelopen dagen: de onstuitbare herrijzenis van het korte korte broekje, de succesvolle herintroductie van alcoholvrij bier en de zoveelste discussie over welke God nou de beste is.

Volkskrant-opinieschuiver Chris Rutenfrans gooide zaterdag een steen in het water met een nieuwe serie speldenprikken richting de islam. Hoewel, nieuw? Meer oude wijn in nieuwe zakken, aangezien Rutenfrans de godsdienst er in 2009 al van langs had gegeven. “Naar de letter genomen is de islam een hele vervelende, tamelijk agressieve godsdienst,” zei hij toen. En: “De multiculturele ideologie is fout. Niet alle culturen zijn gelijk. Onze cultuur is de beste. Onze cultuur is de meest humane en fantastische cultuur die ooit heeft bestaan.”

In de 2013-versie van zijn verhaal beweert Rutenfrans dat de westerse God er voor iedereen is, terwijl die van de moslims alleen voor intern gebruik is.

In de islamitische cultuur mogen mannen hun vrouw slaan en staan er middeleeuwse straffen op overspel. Bovendien lijkt de islamitische moraal vooral bedoeld voor intern gebruik, terwijl de westerse moraal de pretentie heeft universeel te zijn, voor alle mensen te gelden. De universele rechten van de mens zijn dan ook van westerse origine.

Dat is tegen het zere been van Marcel Hulspas van The Post Online, die ontzettend boos wordt van de ‘kwaadaardige kolderuitspraken’ van Rutenfrans. In een tirade van 1699 woorden maakt hij gehakt van diens ‘minkukelige stukje’.

Maakt Allah onderscheid tussen gelovigen? Juist helemaal niet. En is Allah echt zo hoog verheven, ongenaakbaar? Eist hij echt absolute gehoorzaamheid? Christenen roepen het graag – want hun God is leuker! Maar één blik in de Koran volstaat om te weten dat Allah, ‘de barmhartige, de erbarmer’ is. Voortdurend ligt de nadruk op het feit dat Allah geduld heeft met de mens en dat Hij zijn feilen kent. Allah komt tegemoet, heeft geduld, et cetera. Ongenaakbaar? Ik stel voor dat Rutenfrans ten eerste het Oude Testament eens leest, want daarin is God een heerser die geen geslijm over liefde wil horen doch de ‘Vreze des Heeren’ opwekt. En wat Allah betreft, ik ben geen moslim maar de atheïstische eerlijkheid gebiedt om te zeggen dat er tónnen literatuur is waarin Allah’s liefde voor de mens wordt bezongen. Rutenfrans mag dicht bij huis beginnen, bij de Koran van Kader Abdolah. Een zeer eigenwijs en wijs en diepzinnig moslim. Nee, kort en goed: God en Allah is écht van hetzelfde laken een pak.

Arabist Jan Jaap de Ruiter sluit zich hier vanochtend bij aan in de Volkskrant. Hij las het werkje van Rutenfrans met verbazing.

Wat Rutenfrans doet, is scheiding maken tussen joden en christenen enerzijds en moslims anderzijds waarbij de God van de ene groep oneindig veel aantrekkelijker zou zijn dan de God van de andere. Aan beide groepen, eigenlijk moet ik zeggen: aan alle drie de groepen, doet hij zo geen recht. De geschriften van de Bijbel analyserend, kun je even goed tot de conclusie komen dat de joodse en christelijke God ervan wreed en hard is. De Koran analyserend, kun je concluderen dat Allah barmhartig en vergevend is.

Stof tot nadenken. Op een terras met een alcoholvrij biertje, terwijl we kijken naar passerende korte korte broekjes.