Waarom mannen ook slecht zijn in timing

Oké, dus ik zou vaker mijn mond houden.
Ik zou, als ik iets belangrijks wilde bespreken, rustig afwachten tot mijn man er tijd, zin en energie voor had.

Dit is het vervolg op waarom vrouwen slecht zijn in timing. Ik heb namelijk echt geprobeerd om beter te worden in timing. Momenten uitkiezen in plaats van altijd maar te kust en te keur zeggen wat ik denk of wil weten. Moeilijke beslissingen rustig bespreken, op gepaste momenten en niet tijdens het koken of terwijl de beste man de krant probeert te lezen.
Gepaste momenten vinden bij een man is alleen niet zo makkelijk.

Bijvoorbeeld: we gingen een huis kopen. Daarvoor was veel overleg nodig. Het huis zelf uitzoeken was nog leuk, maar dat was slechts het begin. Daarna kwamen alle beslissingen die we moesten nemen over dat huis: de hypotheek, de hypotheekadviseur, alle financiële gevolgen, voor ons apart, samen, de termijnen, en daarna de keukenshowrooms, de verschillende tinten wit voor op de muur waaruit gekozen moest worden want het ene wit is echt niet het andere wit, et cetera.

Altijd een excuus
“Nu alsjeblieft even niet!”, zei mijn man dan, als hij na een lange dag werken thuiskwam en ik begon over het verschil tussen levensverzekeringen.
Dus hield ik mijn mond.
“Kunnen we het daar straks over hebben?”, vroeg hij als ik een nieuwe mail had van de hypotheekadviseur omdat er nog gegevens misten in onze aanvraag.
“Ik kan me niet concentreren waar de kinderen bij zijn”, zei hij ook wel eens. Of: “Zullen we nu even iets léuks doen, een film kijken ofzo?”
“Ik ben moe.”
“Ik moet eerst even iemand bellen!”
“Ik kan niet zo goed twee dingen tegelijk.”
“Oh, ik stond toevallig net op het punt om naar de kroeg te gaan.”
“Als je me nu laat koken ben ik stráks één en al oor.”
“Nee, nu is het een beetje te laat.”
“Euh, morgen?”

Als hij werkte was het niet gepast om daarna over belangrijke zaken te praten, want dan was hij moe. Als hij vrij was, was het echter ook niet gepast, want dan wilde hij echt even vrij zijn en geen gezeur aan zijn hoofd. In de morgen is de man te nét wakker, in de middag is hij te druk. In de avond is hij te moe. In het weekend is het te weekend en doordeweeks te doordeweeks. Met kinderen erbij kan hij zich niet concentreren op belangrijke gesprekken, zonder kinderen erbij wil hij zo graag ein-de-lijk even rustig die krant lezen.

Deze reacties krijg je niet alleen als je een huis koopt. Ook als je over iets anders belangrijks wil praten, je eigen carrièretwijfels, jullie seksleven, de school van de kinderen.
Ik wil best af en toe mijn mond houden en wachten tot een gepaster moment. Maar kunnen jullie dan, lieve mannen, het laten weten, als dat moment is aangebroken?
Zeggen jullie dan als het zover is: “Zo, vrouw, nu heb ik echt even zin om over iets belangrijks te praten. Ik heb zin en tijd. Kom maar op. Wat heb je op je lever?”