Lance Armstrong: ‘Ik zou zo weer doping gebruiken’

De Amerikaanse ex-wielrenner Lance Armstrong heeft weer van zich laten horen. Voor het eerst sinds twee jaar verscheen de sporter weer op televisie, twee jaar nadat hij zijn dopinggebruik opbiechtte aan Oprah Winfrey. Dit keer gaf hij een interview aan de BBC. Hij vertelt opnieuw openhartig over zijn dopingverleden, over zijn fouten, vraagt vergiffenis en laat zich ontvallen dat hij toch zo weer doping zou gebruiken.

Lance Armstrong won maar liefst zeven keer de Tour de France, maar raakte al zijn zeges kwijt omdat hij doping had gebruikt. Het Amerikaanse antidopingagentschap USADA legde hem in 2012 een levenslange schorsing op. Armstrong ontkende in eerste instantie alle beschuldigingen, maar bekende uiteindelijk bij Oprah Winfrey. En nu komt de Amerikaan dus opnieuw met een opmerkelijke uitspraak.

Armstrong zegt dat als hij zijn wielercarrière moest overdoen, hij waarschijnlijk weer doping zou gebruiken. “Als ik in 2015 renner zou zijn, dan zou ik het niet opnieuw doen omdat ik denk dat het nu niet meer nodig is,” aldus de 43-jarige renner tegen BBC-journalist Dan Roan. “Maar als je me zou terugbrengen naar 1995, toen doping gemeengoed was, dan zou ik het waarschijnlijk opnieuw doen.”

Armstrong zegt wel spijt te hebben. “Toen ik die beslissing nam, toen mijn ploeg die beslissing nam, toen het hele peloton die beslissing nam, was dat een slechte beslissing in een slecht tijdperk. Maar het is gebeurd. En ik weet hoe het daarna is gegaan. Ik weet hoe sport sindsdien geëvolueerd is. Ik heb de veranderingen gezien.”

lance640

Ook zegt de oud-wielrenner dat zijn levenslange schorsing oneerlijk is en dat hij een heel zware prijs heeft moeten betalen voor iets dat iedereen deed. Armstrong vindt dat hij zijn titels moet terugkrijgen en dat het tijd is voor vergiffenis. “Ik vind nog altijd dat ik die Tours gewonnen heb. Als ik voor mezelf spreek, zou ik zeggen: ja, dat moment van vergiffenis komt dichterbij. Maar dat ben ik, en mijn woord telt niet meer. Het gaat om de mening van de gewone man.”