Waarom premier Rutte de rechtsstaat verloochent

De 3,4 miljoen mensen die gisteren naar de finale van Wie is de Mol? keken hebben een memorabel RTL-debat gemist. De 800.000 kijkers die wel de moeite namen, zagen namelijk hoe Mark Rutte een grote fout beging bij zijn reactie op de slim door RTL geponeerde stelling ‘Uitgereisde jihadisten kunnen beter daar sneuvelen dan terugkeren naar Nederland’. De premier was (als enige aanwezige) voor deze stelling, en verloochent daarmee de rechtsstaat.

Rutte leidt het in met het argument dat hij het cruciaal vindt “dat we er alles aan doen om te voorkomen dat mensen uiteindelijk hier terugkomen en in staat zouden zijn om inderdaad hier die bommen te plaatsen, om aanslagen te plegen. Wij moeten dit land beschermen, dat is (–) mijn taak.”

Fraaie woorden, maar geen argument om voor of tegen deze stelling te zijn. Alle partijen willen voorkomen dat mensen radicaliseren en (of ze nu wel of niet uitgereisd zijn) aanslagen in Nederland plegen. Er wordt niet gevraagd of jihadisten moeten oprotten, om het op z’n Aboutalebs te stellen; er wordt gevraagd of ze niet beter dood kunnen gaan. In een een-op-eentje met D66-leider Pechtold krijgt de premier meer spreektijd om zichzelf te verduidelijken:

“Meneer Pechtold, ik weet zeker dat het grootste gedeelte van Nederland achter mij staat. (–) We moeten inderdaad voorkomen dat ze uitreizen, en als ze uitgereisd zijn, moet je ze ook het Nederlanderschap kunnen afpakken. Maar uiteindelijk, als ik de keuze heb, dan maak ik de keuze die ik net gemaakt heb, en ik denk heel Nederland.”

De premier voert hier tweemaal aan dat de gewone man in de straat het ferme standpunt van de premier deelt. Ook dat is uiteraard geen argument. De man in de straat (en Fred Teeven) wilde ook niet dat Volkert van der Graaf vervroegd vrijkwam, maar dat is nu eenmaal zoals ons rechtssysteem (op dit moment) werkt, met instemming van ons allen. (Argumentatietechnisch is het interessant om te zien dat ‘ik weet zeker dat het grootste gedeelte van Nederland’ een zin later is veranderd in ‘ik denk heel Nederland’.)

Dan mag Pechtold:
“Ik vraag me af of een premier niet moet verdedigen dat een land waar we de rechtsstaat voorop zetten nooit zal tolereren dat mensen dood moeten in plaats van voor de rechtbank verschijnen. (–) Er zitten ook Nederlandse, geïndoctrineerde meiden bij, Nederlandse, autochtone (–) meiden, waar de familie de haren uit het hoofd trekt: ‘Hoe krijgen we ze terug?’ U zegt over al die mensen én de dertig kinderen: (–) krijg maar een bom op je hoofd, sterf maar in de zandbak.”

Pechtold verstaat onder ‘uitgereisde jihadisten’ ook geïndoctrineerde meiden en kinderen. De vraag is of Rutte in zijn redenering ook vrouwen en kinderen meenam; bovendien is het de vraag of moordende jihadisten niet ook gewoon geïndoctrineerde kerels zijn. Maar bovenal is bij Pechtold het ‘kunnen beter daar sneuvelen’ uit de stelling veranderd in ‘mensen moeten dood’. Is het terecht dat de D66-leider de woorden van Rutte zo in het extreme trekt?

Volgens de stelling van RTL worden jihadisten liever gedood dan dat ze hier voor de rechter worden gebracht. Mensen ‘liever gedood’ zien is iets anders dan dat mensen ‘dood moeten’, maar de essentie van de stelling is de vraag of het Nederlandse rechtssysteem altijd het laatste woord heeft. Moet je willen dat alle mensen volgens het rechtssysteem worden behandeld, of zijn er situaties waarin je dat niet wil?

Rutte had prima kunnen stellen dat hij er totaal niet rouwig om is als jihadisten in Syrië of Irak om het leven komen, maar dat het uiteindelijk het beste is om misdadigers, dus ook jihadisten, te veroordelen. (En als dat nu moeilijk is, nieuwe wetten en regels te maken die dat wel mogelijk maken.)

Rutte spreekt fluwelen zinnen over dat het voorkomen van aanslagen in Nederland vooropstaat, maar de stelling gaat er juist over welke middelen zijn geoorloofd. Rutte zegt in ultimo dat jihadisten beter buiten de rechtsstaat kunnen worden gesteld. Hoe barbaars ze ook zijn, en hoezeer zij zelf lak hebben aan de rechtsstaat, als je zelf de rechtsstaat onderschrijft, zijn uitzonderingen ontoelaatbaar.