Een kind of de Olympische Spelen hoeft geen keuze te zijn

Een kind of de Olympische Spelen? Voor sommige vrouwelijke sporters lijkt de keuze al gemaakt voordat er überhaupt een knoop is doorgehakt. Natuurlijk, de buik verdwijnt niet binnen negen maanden. Maar daarna is er ook nog tijd. Tijd voor de topsporter met dromen, met doelen, met ambities. Tijd voor de Spelen.

Volleybalster Manon Flier is zwanger en gaat daardoor niet naar de Olympische Spelen in Rio, mocht Oranje zich daarvoor plaatsen. Ze zit logischerwijs ook niet bij de selectie voor het kwalificatietoernooi in Turkije. Dat toernooi begint in januari. Flier-Nummerdor – de volleybalster is getrouwd met beachvolleyballer Reinder Nummerdor – speelde tot op heden 430 interlands. Mogelijk is haar loopbaan nu voorbij. Dat bepaalt ze later.

Flier reist wel met haar ploeggenoten mee naar Ankara, waar het zogenaamde Olympisch kwalificatietoernooi (OKT) wordt afgewerkt. Een toernooi dat Oranje moet winnen om zich rechtstreeks te plaatsen “Hopelijk kan ik vanaf de zijlijn een klein beetje bijdragen aan een nieuw succes,” zegt de zwangere volleybalster. De Oranjedames wonnen immers enkele weken geleden nog zilver op het EK in eigen land. “Ik heb met deze groep een fantastisch EK in Nederland mogen spelen”, laat Flier verder nog weten.

430 keer Oranje, geen Olympische Spelen
“Ik heb de laatste jaren twee grote dromen gehad, op twee totaal verschillende vlakken. Ik wilde ontzettend graag de Olympische Spelen halen, maar ook moeder worden. Uiteindelijk was die laatste droom groter,” aldus Flier. Natuurlijk, het is schier onmogelijk, maar zou een man ook een droom najagen die ten koste van de Olympische Spelen zou kunnen gaan? Volgens Omroep West zijn Flier en Nummerdor ‘megablij’ met het nieuws. Tegen laatstgenoemde medium verklaart Flier: “Zeker omdat zwanger worden voor ons niet vanzelfsprekend was, zijn we enorm gelukkig met dit nieuws.” Enfin. Dat verzacht de pijn van een Olympische Sporter in spé.

Een situatieschets. Manon Flier heeft 430 interlands voor Oranje gespeeld. Vier-honderd-dertig. Maar nog nooit kwam zij in actie op de Olympische Spelen in actie. Nog nooit. Het doet denken aan een recordinternational van een voetbaldwerg als Luxemburg. Een Mario Frick, bijvoorbeeld. Bijna ontelbaar veel interlands speelde hij (125 in totaal), maar nooit op het allerhoogste niveau. Daar waar je het als topsporter toch voor doet. Een Olympische Spelen. Of, in het geval van Frick, een wereldkampioenschap. Flier kon Rio inmiddels bijna ruiken, op 31-jarige leeftijd. Maar ze kiest voor haar eerste kindje.

Van Flier tot Veldhuis
Flier is niet de enige sportster die een kindje boven de Olympische Spelen kiest. Onder meer de Olympische kampioene hoogspringen van 2004, Jelena Slesarenko, kon niet meedoen aan de Spelen van Londen in 2012, omdat ze zwanger was. Ook de Belgische Judy Ann Melchior miste in 2012 de Spelen om dezelfde reden.

Een klein sprankje hoop voor de Nederlandse volleybalfans valt te vinden in de rentree van zwemster Marleen Veldhuis. Zij zwaaide in 2009 op 30-jarige leeftijd af vanwege een zwangerschap, maar keerde in 2012 terug op de Spelen en veroverde daar een zilveren en bronzen medaille. Tennisster Kim Clijsters kreeg in 2008 een dochter, om na haar terugkeer nog drie grandslamtitels te verzamelen en in 2012 tot de kwartfinale van het olympisch tennistoernooi te reiken.

Een kind of de Spelen hoeft dus helemaal geen keuze te zijn.