Etnisch profileren: hoe fout ook, de politietop schrikt er niet van

In mei werd rapper Typhoon staande gehouden door de politie. Jong, een splinternieuwe luxe-auto en een donkere huidskleur; daar klopte iets niet. Een maand later werd ook doelman Kenneth Vermeer staande gehouden. Etnisch profileren bij de Nationale Politie stond vol in de schijnwerpers. Brandpunt dook in dat explosieve dossier, reed mee met het Amsterdamse korps en nam de eenheid Oost-Brabant onder loep.

Nee, vertellen de agenten van de Amsterdamse politie-eenheid Hoofdwegen, het is in eerste instantie de auto die leidt tot de verdachtmaking, niet de kleur van de bestuurder. Het type wagen, de kleur; er wordt een kenteken nagetrokken. De eigenaar is een vrouw, in de auto rijdt een man. Er is ooit drugs in de auto aangetroffen. En dan het pijnlijke, ongemakkelijke punt: de huidskleur.

Dat aangehouden bestuurders zich gediscrimineerd voelen? Dat is hun probleem, zegt de teamleider voor de camera van Brandpunt nadat hij een zwarte bestuurder fouilleerde, zijn auto doorzocht en niets verdachts aantrof. De bestuurder, nonchalant: “Ik vertel het mijn vrienden niet eens meer. Dit gebeurt zo vaak.”

Brandpunt dook in interne dossiers van de eenheid Oost-Brabant. Twintig procent van de agenten houdt regelmatig, vaak of zelfs altijd bepaalde etnische groepen staande omdat hij of zij denkt dat deze groepen eerder bepaalde vormen van criminaliteit plegen. 41 procent van de agenten geeft toe dat soms te doen. Een kleine minderheid (veertien procent) zegt nooit op basis van etniciteit iemand te controleren.

Twee passages vallen op in de rapporten, opgetekend uit gesprekken op de werkvloer: ‘Er staan drie negers bij een bushokje, er staan drie blanken bij een bushokjes. Wie wordt er gecontroleerd? De negers, natuurlijk.’ En verderop de verklaring van een politiestudent: ‘Ik heb met een politiecoach gewerkt die echt aan het jagen was op Marokkanen. Hij had langer in die wijk gewerkt. Natuurlijk beïnvloedt dat je in het begin. Uiterlijke kenmerken beïnvloeden mij wel degelijk om iemand te controleren. Kijk maar naar de briefing en de uitspraken van de collega’s. Het gaat vaak om Marokkanen en andere buitenlanders.’

De passage wordt aan plaatsvervangend korpschef Ruud Bik voorgelegd. “Ik schrik er niet van, ik denk dat het voorkomt, maar het is hartstikke fout. Het is spijkerhard etnisch profileren. Het is een complex vraagstuk, en da’s een langetermijnproces, en dat hebben we echt niet volgend jaar voor elkaar. Misschien kom je er wel nooit vanaf, dus dat betekent dat je je er als top altijd mee zal moeten blijven bemoeien.”

De uitzending van gisteravond bekijkt u hier terug.

Beeld: KRO-NCRV