Er moet een Europese krijgsmacht komen

De Europese Commissie presenteerde kortgeleden een plan om de defensie van Europa aan te pakken. Alle landen moeten nauwer gaan samenwerken om de veiligheid te garanderen. Wordt het niet eens tijd voor een gezamenlijk Europees leger?

Rob de Wijk van het Den Haag Centrum voor Strategische Studies is het hier volledig mee eens. “We hebben problemen met Rusland, het Midden-Oosten en Afrika. De situatie is nog nooit zo dreigend geweest voor Europa.” Daarnaast neemt Amerika onder Trump steeds meer afstand van haar rol als politieagent van de wereld. De Wijk: “Dat is geen betrouwbare partner meer. De krijgsmachten van de afzonderlijke landen kunnen zonder elkaar niets. Het is absoluut noodzakelijk om met een aantal gelijkgestemde landen samen te werken om ervoor te zorgen dat wij — in de vorm van een Europees leger — militair überhaupt iets kunnen klaarmaken.”

Europa kan zichzelf ook zonder Europese krijgsmacht verdedigen, stelt Elbert Dijkgraaf, Tweede Kamerlid en defensiewoordvoerder van de SGP-fractie. “Kijk, we hebben op dit moment bijvoorbeeld een groot probleem omdat we onvoldoende tanks hebben, maar dat komt niet doordat we geen geïntegreerde krijgsmacht hebben.”

Dat komt volgens Dijkgraaf omdat de meeste landen minder dan twee procent van het bbp besteden aan defensie (de NAVO-norm) en daardoor onvoldoende capaciteit hebben. “De lidstaten moeten zelf veel meer gaan investeren in defensie om Europa veilig te kunnen houden.”

De tekst gaat hieronder verder.

Hoe Duitsland stilletjes een Europees leger creëert

Afscheid van ministeries

Ook over het kostenplaatje verschillen De Wijk en Dijkgraaf van mening. De oprichter van het Den Haag Centrum voor Strategische Studies stelt dat we een keer moeten stoppen met de hele gelddiscussie. “We praten hier over de veiligheid van Europa,” vindt hij. “Bovendien is één ding zeker: als je een Europese krijgsmacht opzet, dan kom je in een situatie terecht waarin alle nationale ministeries feitelijk kunnen worden afgeschaft. Al dat bespaarde geld kun je dan spenderen aan gevechtskracht. In die zin heb je veel meer waar voor je geld.”

Volgens Dijkgraaf zijn de kosten voor het ambtenarenapparaat van defensie ten opzichte van de andere kosten ‘peanuts’. “De grote kosten bij defensie zitten toch bij de aanschaf en onderhoud van het materieel,” vindt hij. “Die heb je ook met een gezamenlijke krijgsmacht. De besparing op die organisatie is heel klein. Daarnaast leert het bedrijfsleven ons dat groter niet altijd efficiënter is.”