Politiek blijft een mannenzaak

Toen Nebahat Albayrak donderdagmorgen aankondigde dat zij de Nederlandse politiek de rug toe keert, ging er geen schokgolf door het land. Logisch. Toch blijft door haar afscheid de ophaalbrug naar een historische vernieuwing dicht.

Kijk maar eens naar de (vermoedelijke) lijsttrekkers bij de komende verkiezingen. Rutte, Roemer, Pechtold, Samsom, Van Haersma Buma (Liesbeth Spies is kansloos na deze week) en, jawel, Jolande Sap. Eén vrouw. Politiek in Nederland blijft voorlopig dus een mannenzaak.

En ik weet niet of ik hier ‘en erger’ moet schrijven: maar de kans op een vrouwelijke premier in dit land is dus ook weer verkeken. Die strijd gaat in september tussen Rutte, Samsom en heeeeel misschien Roemer of Pechtold.

Terwijl Nebahat Albayrak daar van alle vrouwen in Nederland de afgelopen weken het dichtst bij is geweest. Dat lijkt me het meest veronachtzaamde aspect van haar aangekondigde vertrek. Als ze de interne strijd had gewonnen om het PvdA-lijsttrekkerschap, was ze zomaar kandidaat-premier geweest bij een goede verkiezingsuitslag. Zo dichtbij zijn weinig vrouwen geweest in Nederland. Neelie Kroes misschien heel even in eigen gedachten, maar ook Femke Halsema niet als compromiskandidaat bij een eventuele regenboogcoalitie in 2010.

Albayrak, een bijzonder gekwalificeerd politicus die als staatssecretaris een zware portefeuille heeft beheerd en die we zeker niet van vaandelvlucht kunnen betichten, zei vanmorgen, haar afscheid beargumenterend: “Ik vind het tijd om andere dingen te gaan doen.” Dat is dan wel weer een vervelend smetje op haar blazoen, want een leugentje. Een paar weken geleden vond ze dat namelijk nog helemaal niet.

Toen had Albayrak grote plannen om de PvdA de komende jaren te gaan leiden. Zulke ambities zijn toch niet zomaar verdwenen? Niemand zou het haar kwalijk nemen als ze gewoon had gezegd dat ze, zwaar teleurgesteld door die nederlaag, nu maar eens ergens anders gaat kijken. Maar voor zulke (vrouwelijke) emotionele eerlijkheid is de Nederlandse politiek kennelijk nog niet klaar.