Politiek
187 seconden leestijd

Rutte en Samsom smeden ‘de nieuwe politiek’

Nederland is eindelijk weer eens Gidsland. Zie de gezichten van Rutte en Samsom, maandag bij de presentatie van het deelakkoord: ontspannen, goedlachs, energiek. Ze weten het, ze voelen het: ‘wij staan aan het begin van een nieuw politiek tijdperk’.

Reken maar dat de rest van de wereld vol belangstelling kijkt naar wat zich afspeelt tussen de VVD en de PvdA, vertegenwoordigers van twee politieke stromingen die de kiezer en elkaar weer gevonden lijken te hebben.

Zoektocht naar ideologische veren
In Engeland zoekt de Labour Partij naar nieuwe ideologische veren, die opmerkelijk veel rood bevatten, de kleur van het socialisme. Maar de symbiose lijkt daar nog niet zo vergevorderd als in ons land, met een verkiezingsuitslag die aan duidelijkheid niets te wensen overliet en aan een formatie die zich in ongekend hoog tempo en voorspoedig tempo voltrekt.

Even wat geschiedenis: de naoorlogse geschiedenis in West-Europa kent globaal twee liberale revoluties: die van de jaren zestig, die sociaal-cultureel van aard was, en de economische revolutie van de jaren tachtig. Volgens de Britse filosoof Philip Blond is het effect van die omwentelingen intussen behoorlijk verdampt, maar is het ‘goede’ van beide bewaard gebleven en lijkt te versmelten tot iets dat in politicologische kringen al het postliberalisme wordt genoemd.

Samsom en Rutte: ontspannen, goedlachs en energiek

‘Links’ probeert van oudsher de samenleving te vormen dankzij een grote rol daarin van de staat. Maar die staat is daardoor te zeer uitgedijd, de burger is er te afhankelijk van geworden, laat zich minder gelegen liggen aan zijn omgeving, de gemeenschap. De staat regelt het wel voor hem, dus wat kan hem de gemeenschap schelen?

Daartegenover staat het liberalisme, dat zeker onder het kabinet-Rutte te ver is doorgeschoten naar een al te vrije markt die nogal eens kenmerken vertoont van een vrijgevochten markt. Een voor liberalen belangrijke waarde als zelfredzaamheid is een kwaliteit die niet iedereen is gegeven.

Postliberalisme
In het nieuwe postliberalisme is het liberalisme sterker dan voorheen gekoppeld aan het algemeen belang, en vertaald naar de Nederlandse situatie betekent dat dat Mark Rutte en Diederik Samsom elkaar uitstekend aanvullen en elkaar van alles gunnen. Samsom kan het liggeld voor ziekenhuispatiënten doorstrepen, en gelukkig voor hem worden de lagere inkomens bij de verhoging van de pensioenleeftijd alsnog buiten schot gelaten. “We doen het niet alleen solide,” sprak Samsom, “maar ook sociaal”. En Rutte kreeg zijn zin op het punt van de overheidstekort dat met 2,7 procent binnen de vereiste Europese regels blijft.

Een nieuwe tijd, met nieuwe gezichten: Rutte en Samsom zijn veertigers, leden van de pampergeneratie, zoals wij eerder meldden. Daar zou een postliberaal bij uitstek als Alexander Pechtold zo bij kunnen, ware het niet dat D66 niet meedoet in welk serieus te nemen b- of c-scenario van de kabinetsformatie.

Het CDA daarentegen, alom beschouwd als een partij die alsnog mee kan doen in de formatie, oogt dan weer als een dissonant, met een voorman als Sybrand van Haersma Buma die zo overduidelijk de oude politiek en de oude tijd representeert. Tenzij Camiel Eurlings alsnog wordt ingevlogen, want die past er natuurlijk wel heel goed bij.

Camiel Eurlings, nu werkzaam bij de KLM, zou voor het CDA de vertegenwoordiging van een nieuwe politiek kunnen zijn


Frans van Deijl

Frans vervolgde de enige echte opleiding in Utrecht. Ging aan de slag bij 'De gecombineerde', De Tijd en daarna HPdeTijd. Was tevens actief op de nationale televisie bij Karel van de Graaf en RTL Nieuws. Schreef ook voor Elsevier en Het Parool. Schrijft tevens wel eens een boekje.

Lees ook
Meer artikelen