De verzwegen crisis in het Nederlandse schaatsen

Het is tijd voor de noodklok. Na de blamage op de Olympische vijfhonderd meter van de vrouwen (eerste Nederlandse op een zesde plek) en de armzalige tweede tijd van de mannenachtervolgingsploeg is één ding duidelijk: het is crisis in het Nederlandse schaatsen.

Schaatsen
Beeld: ANP/Koen van Weel

Nederland staat van oudsher bekend als schaatsland, maar die reputatie kan na dit medailleloze weekend definitief de prullenbak in. Een jarenlang gevoel van misplaatste superioriteit heeft ons ongemerkt richting het moeras geduwd.

En nu staat Nederland Schaatsland op een cruciale kruising: proberen we in de slipstream van heersende landen als Japan en Canada in de binnenbocht onderdoor te komen, of blijven we ijzerenheinig in onze buitenbaan, om uiteindelijk op een onoverbrugbare afstand te eindigen.

Natuurlijk: er zijn uiteenlopende redenen aan te wijzen voor het oranje falen op de langebaan. Allereerst is het gewoon een kwestie van pech: wij zitten in Nederland op dit moment met een weinig getalenteerde generatie. De afgelopen decennia hebben enkele uitzonderlijk getalenteerde figuren de institutionele crisis in de koek-en-zopiewereld kunnen verbloemen, maar die tijden zijn voorbij: Nederland schaatsland, das war einmal.

Incidentele succesjes

De afgang van de afgelopen dagen maakt duidelijk wat insiders al langer wisten: de hele manier waarop schaatsen in dit land sinds de Steentijd wordt georganiseerd, moet op de schop. Om weer enigszins competitief te kunnen worden, zullen we ons moeten verdiepen in andere landen, in de manier waarop zij hun jeugdopleiding hebben vormgegeven.

We zullen ons moeten inlezen op nieuwe organisatiestructuren, nieuwe trainingstechnieken, de laatste ontwikkelingen op het gebied van medische begeleiding en scouting. Waarom is er bijvoorbeeld de laatste jaren nog geen enkele KNSB-delegatie naar Canada gereisd om te controleren hoe het kan dat zij daar een toptalent als Ted-Jan Bloemen hebben weten op te leiden? Dáár gaat het om: onze eigenwijsheid, die veelgeprezen eigenwijsheid die ons in het verleden zo veel succes heeft geschonken, werkt ons nu tegen.

Schaatsen
Beeld: ANP/Koen van Weel

De Hollandsche School van een boterham met pindakaas en een keukenstoel op de Bonkevaart voldoet niet meer. De organisatie moet op de schop, en wel nu. We zullen de sport wetenschappelijk moeten gaan benaderen, we zullen vakmensen op de belangrijkste posities neerzetten (en niet alleen maar ex-sporters met een Schoevers-certificaat!), we moeten het straatschaatsen terugbrengen, we moeten samenwerken met scholen en buurthuizen, we moeten per direct af van dat gedrocht dat kunstijs heet en we zullen vooral niet eigenwijs mogen zijn, dat hebben de laatste dagen wel duidelijk gemaakt.

En natuurlijk: er zijn best wel her en der wat internationale succesjes geweest, ook de afgelopen jaren.

Mensen als Sven Kramer, Ireen Wüst, Lotte van Beek, Marrit Leenstra, Michel Mulder, Ronald Mulder, Jan Smeekens, Koen Verweij, Esmee Visser, Carlijn Achtereekte, Jorrit Bergsma, Esmee Visser, Douwe de Vries, Bob de Jong, Carl Verheijen, Erik Jan Kooiman, Arjan Stroetinga, Mark Tuitert, Jan Bos, Erben Wennemars, Wouter Olde Heuvel, Jan Blokhuijsen, Kjeld Nuis, Stefan Groothuis, Kai Verbij, Daidai Ntab, Annouk van der Weijden, Antoinette de Jong, Hein Otterspeer, Carien Kleibeuker, Irene Schouten, Patrick Roest, Letitia de Jong, Lotte van Beek, Thomas Krol, Mariska Huisman, Bob de Vries, Marije Joling, Marwin Talsma, Anice Das, Linda de Vries, Melissa Wijfje, Simon Kuipers, Suzanne Schulting, Yvonne Nauta en Margot Boer slaagden erin onze blik te vertroebelen. Toevalstreffers. Zij waren supertalenten die ons bij toeval in de schoot geworpen werden, zij werden groot ondanks (en niet dankzij) onze ijsinfrastructuur.

Bim. Bam

Alle succes heeft ons gemakzuchtig gemaakt. Nog even en we hobbelen zelfs in de B-groep achter de feiten aan, nog één Olympische cyclus en wij zijn het die aan de Franse bondscoach moeten vragen of zijn team in godsnaam een beetje kalm aan kan doen, omdat we anders onze subsidie voor wintersporters-met-een-rugzakje ook nog kwijtraken.

Het is tijd voor de noodklok.
BIM. BAM.

Meer Frank Heinen? Volg ons op Facebook