Spring naar de content
bron: anp

Don Arturo stelt ultimatum: Miesjponum Halsema weg of ik stop met Twitter

Arthur van Amerongen over de grappen van Ivan Heylen, de crackhuizen op Malcolm X Boulevard in New York en de willekeur van Femke Halsema.

Gepubliceerd op:
Geschreven door: Arthur van Amerongen
Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is dt728x90f.jpg

Op Tweede Pinksterdag was ik al bijna gestopt met Twitter. Ik wandelde als een hobo langs een spoorlijntje in de zinderende Serra do Caldeirão en mijn telefoon had nauwelijks of geen bereik. Op de zeer schaarse momenten dat ik niet op het internet surf, ben ik dolgelukkig. 

Abboneer op een lidmaadschap

Hoe sympathiek!

Dit artikel krijg je van HP/De Tijd cadeau. Om ons te steunen en meer artikelen van en uit HP/De Tijd te lezen, word je vanaf slechts vier euro per maand lid in minder dan een minuut. Voor dat luttele bedrag lees je ook alle stukken uit het maandelijkse magazine digitaal.

Kies een lidmaatschap

Volmaakt zen door de mindfullness sprong ik piemelnaakt in een ijskoude bergbeek, ik schreeuwde mijn longen leeg in een oude waterput – hoe heet de Koning van Wezel? – en na twee uur lopen at ik perfect gestoofde geit in een verder uitgestorven gehucht. Die ‘cabra’ had net als ik een geweldig leven gehad, dat kon je wel proeven. 

De ellende begon toen ik aankwam bij een verlaten stationnetje, waar ik nog een uur moest wachten op de boemel. Ik had weer bereik. 

De gehaaste lezer zal nu denken: “Waarom valt Van Amerongen mij lastig met deze futiele prietpraat? Maak je punt, bal gehakt.”

Ik denk dat een citaat van Oscar Wilde hier volstaat: “I never travel without my diary. One should always have something sensational to read in the train.”

Op de Dam in mijn geliefde Mokum werd gedemonstreerd tegen racisme. Prima zaak natuurlijk, want hoe kan je een voorstander zijn van racisme? Ik had net De roodborst van de Noorse thrillerschrijver Jo Nesbø gelezen, en daarin wemelt het van de hersenloze skinheads en sneue blanke suprematisten. Nou niet bepaald een reclame voor het witte ras. 

Dat doet mij denken aan die grap van de geweldige Vlaming Ivan Heylen. Jawel, die van De wilde boerndochtere. Ergens in de jaren tachtig had hij een televisieprogramma op de Belg en daarin zat een spelletje. Heylen vertelde een mop en het was dan de bedoeling dat hij diegene aan wie hij de mop vertelde, zo snel mogelijk aan het lachen kreeg. Ik herinner mij een stel uit de Westhoek, ergens in de rimboe tussen Poperinge en Ieper, en dat setje bleef minutenlang stoïcijns naar Heylen kijken terwijl die de ene grap naar de andere lanceerde. Bijna radeloos kwam hij toen met de volgende grap. Ivan komt Stevie Wonder tegen en vraagt aan hem: ‘Meneer Wonder, is het nou niet afschuwelijk om blind te zijn?’ Daarop antwoordt den Stevie: ‘Ach, mister, er zijn veel ergere dingen in het leven. Ge zult maar zwart zijn!’

Het Westhoekse echtpaar begon te bulderen van het lachen. 

Ik was gek op rap en verzamelde door de jaren heen in alles wat ik kon krijgen, van Grandmaster Flash, Public Enemy, Tupac Shakur, Biggie Smalls, N.W.A. tot de heerlijk smerige 2 Live Crew.

Qua racisme stond ik altijd aan de goede kant van de geschiedenis, laat ik dat hier even voorop stellen. Zo volgde ik eind jaren tachtig aan de Universiteit van Amsterdam het bijvak Etnische Studies, met speciale aandacht voor de emancipatie van zwarte Amerikanen. Ik verdiepte me in Booker T. Washington, Elijah Muhammad, Malcolm X, de Nation of Islam, de Black Panthers en verslond de werken van James Baldwin, vooral The Fire Next Time. In die tijd bezocht ik graag de Liberation Bookstore in Harlem, New York, waar de legendarische eigenaar Una Mulzac de hele dag heftig zat te discussiëren. Ik durfde me daar als bleekscheet niet in te mengen. Anderzijds durfde ik op Lenox Avenue alias Malcolm X Boulevard in mijn eentje levensgevaarlijke crackhuizen binnen te gaan, maar daar gaat het nu niet over. Ik was gek op rap en verzamelde door de jaren heen in alles wat ik kon krijgen, van Grandmaster Flash, Public Enemy, Tupac Shakur, Biggie Smalls, N.W.A. tot de heerlijk smerige 2 Live Crew. De laatste jaren luister ik vooral naar fado en volg ik het rapgebeuren nog amper. Het is daarom wellicht niet vreemd dat ik nog nooit van Waka Flocka Flame had gehoord. De Amerikaanse rapper was rond de laatste Sinterklaas-viering in het nieuws omdat hij Nederland boycot zo lang Zwarte Piet niet verboden is. Bovendien moesten wij excuses aanbieden, al legt hij in zijn Instagramscheet niet uit aan wie.

Ik ging de rapper googlen en schrok me een hoedje: wapens, drugs, #MeToo-shit en eerder dit jaar dreigde hij homo’s af te knallen. Nou, dacht ik, Zwarte Piet heeft in ieder geval niet zo’n dik strafblad als jij, brother. Pietenjager en zelfverklaard poëet Jerry Afriyie vertelde ooit tegen NRC Handelsblad dat hij moet vechten tegen zijn homofobie. Dat lijkt mij een poezelig understatement, gezien het macho-milieu waarin hij vertoeft. Jerry profileert zich graag als vredelievend, maar zijn boezemvriend was de geliquideerde Bijlmer-gangsterrapper Quincy Soetosenojo. In een memoriam op de Joop noemde hij Soetosenojo, die een Amsterdams filiaal van de Amerikaanse Crips-bende wilde oprichten, liefkozend een ‘activist’. Met vrienden als Waka en socialite Kim ‘sextape’ Kardashian heeft Kick Out Zwarte Piet geen vijanden meer nodig en de geweld verheerlijkende homofobe rapper Waka is een lekker inclusief rolmodel voor Jerry’s clubje. Met weemoed denk ik terug aan Booker T. Washington, Malcolm X en de Black Panthers. Hun strijd vond ik, in de toenmalige context, oprecht en legitiem. Dat waren geen zeurpieten zoals de gepamperde Jerry, die vermoedelijk het liefst gangsterrapper had willen worden. Vooralsnog is hij Sinterklaasdichter des Vaderlands. En de F-side van Femke Halsema. 

Terwijl ik in ‘the middle of nowhere’ op het boemeltje zat te wachten, barstte het Twitter-riool open. Zelden zag ik zo’n smerig digitaal moddergevecht. Het ging alleen nog maar over Halsema, die ik vroeger overigens een leuk mens vond. Bart Nijman heeft overigens volkomen gelijk als hij schrijft: Femke Halsema past willekeur toe bij het betalen van haar eigen huur en liegt daarover tegen iedereen. Femke Halsema past willekeur toe als haar zoon met de wapens van z’n vader op inbrekerspad gaat. Femke Halsema past willekeur toe bij de regels voor dubbel huizenbezit binnen de gemeentegrenzen. Femke Halsema past willekeur toe bij de handhaving van het boerkaverbod. En Femke Halsema past willekeur toe bij de toepassing van de coronaregels.

Ik trok het niet meer, daar in de stilte en de leegte van de Serra do Caldeirão. Nou vind ik het leuk om plaagstootjes uit te delen op Twitter, en meestal gebruik ik twietjes als oefenmateriaal voor latere columns. Verder geldt: ‘if you can’t stand the heat, get out of the kitchen’ maar geloof me: soms word ik schijtziek van mijzelf. Waarom moet ik over alles en nog wat in het treurige moederland een mening ventileren, als een bipolaire aap op meth achter een laptop. 

Waarom moet ik over alles en nog wat in het treurige moederland een mening ventileren, als een bipolaire aap op meth achter een laptop.

Ik merkte dat de discussie over de demo mijn goede humeur na een dagje in de woeste natuur van de Algarve, totaal versjteerde. 

In de dagen na de demonstratie op de dam, zetten allerlei eencellige poldersoapies waar ik nog nooit van gehoord had, hun Twitter-account op zwart, uit protest tegen het Amerikaanse én Nederlands politiegeweld tegen personen van kleur.  Maar ook aandachtsjunk Anna Steijn, alias Anousha Nzume, liet na jaren radiostilte ook weer van zich horen vanuit haar roomblanke ghetto in New York.

Sylvain Ephimenco, scherp als altijd, schreef op zijn Facebook-wandje

“Luisterend maandagmiddag naar het Radio1-programma Nieuws en Co kon ik mijn oren niet geloven. Rond 17.20 uur schakelde de redactie naar de demonstratie op de Dam. Verslaggever Jeroen de Jager interviewde een van de drijvende krachten achter het protest, de activiste Naomie Pieter van KoZ. Toen de verslaggever vroeg of sinds de dood van Mitch Henriquez (het zwarte slachtoffer stierf in 2015 door een nekklem van een agent) meer gevallen van Nederlands politiegeweld bekend waren, antwoordde Pieter koeltjes: “Sinds 2016 tot aan vandaag zijn er 41 doden door de hand van de politie. En geen een veroordeeld.” De verbouwereerde journalist vroeg of ze schietincidenten bedoelde? Pieter: “Nee, vermoord!” De journalist vroeg of dit met racisme te maken had? Naomie Pieter: “Racistisch geweld zal daar onderdeel van zijn.” Volgens de woordvoerster van de demonstratie zijn er dus in Nederland 41 personen de laatste vierenhalf jaar door de politie vermoord, en was een onbekend aantal van deze moorden door racisme gemotiveerd. Je hoofd gaat hiervan duizelen. Een politiecomplot waarbij de daders de gegevens onder de pet hebben gehouden? Een snel onderzoek bij de rijksrecherche leert dat doden door politiekogels als volgt zijn gekwantificeerd: 2016: vier doden, 2017: drie doden, 2018: drie doden, 2019: vier doden. Of enkele van die veertien doden door toedoen van racistische agenten aan hun einde zijn gekomen, moet nog worden vastgesteld.”

Nog even wat de kwestie-Halsema betreft, dit prachtige stuk van Simon Soesan vertolkt precies mijn gevoelens. Amen! 

“Mij wordt gevraagd waarom ik de burgemeester van Amsterdam Miesjponum noem. Heeft niets met haar gezicht te maken. Meer met haar geest. Terwijl de wereld in afgrijzen en verbazing kijkt wat er gebeurt in Amerika, keek ik met woede naar de beelden van de Dam en het tevreden lachje van Miesjponum, die meeliep en zelfs een sticker op zichzelf plakte om te laten zien dat ze meeliep. Terwijl grootouders naar hun kleinkinderen smachten, stervende partners en ouders geen afscheid van elkaar mochten nemen, winkeliers hun levenswerk zagen verdwijnen en medisch personeel zich letterlijk bijna dood werkte, wist Miesjponum het allemaal beter. Prima dat ze IAMsterdam weg haalde – ze is geen Amsterdam. Ze is nep. Net zoals het wapen van zoonlief. Pure nep. En zolang zij burgemeester is, eis ik de naam Mokum terug, want onder haar “leiderschap” is Amsterdam niet DE plek voor Joden, in feite is het een plek voor nep-mensen.”

De laatste tijd lees ik ‘s avonds een goed boek voor het slapen gaan en mijd ik het internet en met name Twitter, zoveel mogelijk. Dan slaap ik als een roos, en word ik met een heerlijk leeg hoofd wakker van vogelgefluit en ga ik met de honden over het strand wandelen. Daarom zit ik nu met het pijnlijke dilemma: moet ik met Twitter stoppen als Halsema aanblijft, of moet ik juist stoppen als ze opzout? Voor wat hoort wat!

Word lid van HP/De Tijd