De PVV vs. de Politieacademie: 1-0

Het mag dan wel du bon ton zijn om in te hakken (columnisten, ministers, websites etcetera) op de PVV, maar dat kan soms te ver gaan. Vindt ook minister van Binnenlandse Zaken Guusje ter Horst (PvdA). “Ik vind de vergelijking zoals die in het door u genoemde artikel naar voren komt ongepast.”

Begin dit jaar betoogde Jan Struijs, hoofd kennis- en strategische ontwikkeling van de Politieacademie, in het Nederlands Dagblad dat de dilemma’s waarvoor agenten tijdens de Tweede Wereldoorlog stonden, belangrijke lessen bevatten voor beginnende agenten. Volgens hem zou een verkiezingswinst van de PVV veel agenten voor vergelijkbare dilemma’s plaatsen. Een in de optiek van HP/De Tijd schandalige vergelijking. Dat vond ook PVV-Kamerlid Raymond de Roon, die opheldering eiste.

De minister is het met hem eens: “Ik vind de vergelijking zoals die in het door u genoemde artikel naar voren komt ongepast.” Als het aan Ter Horst ligt gaat Struijs het voor zijn kiezen krijgen. “De betrokken medewerker heeft aangegeven dat hij de implicaties van zijn uitlatingen onvoldoende heeft doorzien. De leiding van de Politieacademie heeft de medewerker aangesproken op zijn uitlatingen. De medewerker betreurt hetgeen geschied is en heeft hier lering uit getrokken. Het is verder aan de leiding van de Politieacademie – als zelfstandig bestuursorgaan – om de ontwikkeling van betrokkene op dit punt mee te wegen in de beoordeling van het functioneren van de medewerker.”

En gelijk heeft ze. Vergelijkingen met de oorlog zijn zó 2002.

Bas Paternotte