Na deze verkiezingen is het lobbyisme in Amerika niet meer te stoppen

Georganiseerde donaties domineren sinds de legale invoer ervan in 1944 de Amerikaanse politiek. En met de opkomst van de zogeheten Super PACS ontstaat er een financieringskloof in de Amerikaanse presidentsrace.

In het kader van de Amerikaanse voorverkiezingen hebben de onderzoeksjournalisten van het Centre for Public Integrity (CPI) samen met Time Magazine onderzoek gedaan naar de financiering van onder andere reclame-uitingen in de verkiezingsrace. Het onderzoek staat bol van Amerikaanse termen als ‘PACS’ en ‘Super PACS’. Het doet de Nederlandse toeschouwer van de Amerikaanse race naar het Witte Huis duizelen. Het financieringssysteem van Amerikaanse politici is een warboel van moeilijke termen en modellen.

Geld wint verkiezingen
Een Amerikaanse presidentskandidaat wint vaak de (voor)verkiezingen door de geldbuidel die hij op zak heeft, dat concludeerde nrc.next in 2012 al na onderzoek te hebben gedaan naar de financiële daadkracht van de kandidaten. In 92 procent van de gevallen tussen 1976 en 2004 trok de kandidaat met het meeste geld aan het langste eind. Maar het ligt iets gecompliceerder dan het lijkt. Sinds de herverkiezing van president Roosevelt in 1944 is het in de VS toegestaan om een kandidaat financieel te steunen. Dat gebeurt veelal door steungroepen die een bepaald belang (vrouwenrechten, werkomstandigheden of patriottisme) behartigen, een zogeheten Political Action Committee (PAC) genoemd.

Een belangengroep is wettelijk beperkt in zijn donaties in een PAC. Per verkiezing mogen individuen uit zo’n groep een kandidaat maximaal voor vijfduizend euro direct steunen. Geen grote hoeveelheid in de strijd om het Witte Huis. Daarom werden in 2010 de Super PACS gelegaliseerd. Vanuit deze structuur doneert een belangengroep niet direct naar de kandidaat, maar mag het ongelimiteerd politieke uitgaves doen, zolang het maar onafhankelijk van de campagne van de desbetreffende kandidaat gebeurd.

‘Niet meer te beteugelen’
Zo kan het gebeuren dat, volgens het onderzoek van Time en het CPI,  negen op de tien Amerikaanse verkiezingsspotjes, uitgezonden tussen 1 januari en 14 september 2015, gefinancierd zijn door deze Super PACS. Van alle presidentskandidaten is het enkel Hillary Clinton die haar spotjes zelf financiert. Maar de strijd om de kiezer op televisie en de steun van de Super PACS daarin is een kleine discussie in het grotere debat rond dit fenomeen. Ann Ravel, hoofd van de Federale Kiescommissie (FEC) uitte al haar angst dat de macht van de Super PACS na de komende verkiezingen ‘niet meer te beteugelen is’.

2015-09-19 00:00:00 MANCHESTER, NH - SEPTEMBER 19: Democratic presidential candidate Hillary Clinton speaks on stage during the New Hampshire Democratic Party Convention at the Verizon Wireless Center on September 19, 2015 in Manchester, New Hampshire. Challenger for the democratic vote Sen. Bernie Sanders (I-VT) has been gaining ground on Clinton in Iowa and New Hampshire. Scott Eisen/Getty Images/AFP == FOR NEWSPAPERS, INTERNET, TELCOS & TELEVISION USE ONLY ==
Presidentskandidaat Hillary Clinton financiert haar eigen tv-spotjes, in tegenstelling tot haar concurrenten.

De ingebruikname van de Super PACS zorgt inderdaad voor een financiële explosie. Het (FEC) begroot dat wanneer de nieuwe president volgend jaar juni in het Witte Huis zit er liefst tien miljard dollar is geïnvesteerd in de verkiezingsrace. Zowel de Democraten als Republikeinen maken vorstelijk gebruik van het werk van de Super PACS. Op deze manier wordt de Republikeinse kandidaat Jeb Bush met meer dan honderd miljoen gesteund. Het zijn aantallen die verbleken bij de financiële vuurkracht van miljardair en presidentskandidaat Donald Trump, die volgens de peiling de Republikeinse verkiezingen overtuigend gaat winnen. De Democratische topfavoriete Hillary Clinton doet het volgens onderzoek van de Washington Post met slechts 15 miljoen dollar aan Super PAC-steun naast haar totale budget van 47 miljoen dollar.

Jeb Bush, de broer van, wordt voor vele miljoenen gesteund door Super PACS.
Jeb Bush, de broer van, wordt voor vele miljoenen gesteund door Super PACS.

Ter vergelijking: bij de verkiezing van Barack Obama  in 2008 – voor het tijdperk van de Super PACS – werd er ‘maar’ vijf miljard dollar geïnvesteerd in de presidentsrace. In de huidige campagne gaat liefst 75 cent van iedere geïnvesteerde dollar naar een Super PAC, liefst 250 miljoen dollar tegenover slechts 111 miljoen dollar in directe donaties.

Zolang dat gooi- en smijtwerk met geld je als kandidaat met 92 procent zekerheid in het Witte Huis brengt, heiligt het doel de middelen. De kans is groot dat de rol van de Super PACS nog verder groeien. Ze zijn bijna verlengstukken geworden van de campagne, want een kandidaat wil een grote donateur te vriend houden. En als kandidaten luisteren naar hun financiële donateurs, moet het volk wel heel hard schreeuwen wil het inbreng geven.