Bart Van Loo: ‘Simenonitis is de heerlijkste tekstueel overdraagbare aandoening’

Bart Van Loo (1973) is schrijver en conferencier, bekend als connaisseur van Franse chansons en literatuur in De Wereld Draait Door. In de nieuwe HP/De Tijd vertelt hij in de rubriek ‘De culturele agenda van…’ wat hij leest, ziet en luistert. Een voorproefje.

Over muziek
“Mijn liefde voor het Franse chanson is begonnen toen mijn leraar Frans op een blauwe maandagochtend een witte cassette uit een rode boekentas tevoorschijn toverde, en in het klaslokaal Je l’aime à mourir van Francis Cabrel liet klinken. Ik was direct verkocht. Onlangs heb ik het nieuwste album van Cabrel aangeschaft: In Extremis. Niet zijn beste plaat zeg ik eerlijk, maar het nummer Azincourt maakt veel goed. Dat gaat over de Slag bij Azincourt in 1415, een mythische veldslag waarbij de Fransen werden ingeblikt door de Engelsen – je zou het het Waterloo van de vijftiende eeuw kunnen noemen. De beste man heeft daar een prachtig poëtisch lied over geschreven, zeer pakkend ook – al gaat het over een nauwelijks voor te stellen veldslag van zeshonderd jaar geleden. Binnenkort treedt hij op in de mythische Olympia in Parijs, en daar ga ik met veel plezier heen.”

Over boeken
“Georges Simenon is voor mij een van de grootste schrijvers van de twintigste eeuw, ook al wordt hij – geheel onterecht – nog altijd geweerd van literairwetenschappelijke opleidingen. Het eerste boek dat ik van hem las was L’ours en peluche, in het Nederlands vertaald: De teddybeer. Meteen werd ik getroffen door acute Simenonitis, de heerlijkste tekstueel overdraagbare aandoening die er bestaat. Wat ik zo bijzonder vind aan zijn verhalen: die unieke sfeer die hij telkens weet op te roepen. In de eerste regel motregent het, die regen zwelt gedurende de bladzijde verder aan, er komt een man voorbij die langs de Seine loopt, en voor je aan het einde van de eerste pagina bent, loop je zelf langs de Seine – je voelt de motregen bijna letterlijk op je gezicht druppelen. Dat is het empathisch realisme waar ik zo van houd. De Bezige Bij verdient er alle lof voor dat ze Simenon nu grootscheeps vertaalt.”

Over film
“Le tout nouveau testament (op deze website beloond met vier sterren – NM) van Jaco Van Dormael is een slimme feelgoodmovie die op dit moment in België en Frankrijk veel waardering oogst. De film gaat over God – een kwade man die met zijn slonzige vrouw en opstandige dochter in een appartement in Brussel woont – en de vraag hoe de wereld eruit zou hebben gezien als-ie door deze man was geschapen. De hoofdrol wordt gespeeld door een van mijn fetisjacteurs, Benoît Poelvoorde, wat mij betreft de hedendaagse Louis de Funès. Over Louis de Funès gesproken: daar zou ik nog weleens een college over willen geven in De Wereld Draait Door. De Funès heeft in ontzettend veel films gespeeld – waarvan La grande vadrouille en Les aventures de Rabbi Jacob mijn favorieten zijn, want er zitten ook wel slechte films tussen – en is nog altijd erg populair in Frankrijk. De man die meer dan zestig grimassen per minuut kon trekken, de irritantste driftkikker uit de filmgeschiedenis. In Nederland kennen te weinig mensen hem. Net als de films van Jacques Tati. Hij weet als geen ander humor en poëzie te combineren. Het bijna zeventig jaar oude Jour de fête is een mijlpaal in de filmgeschiedenis.”

Het hele interview met Bart Van Loo leest u hier op Blendle. U kunt hier het hele tijdschrift inzien, of hier een voordelig (proef)abonnement afsluiten.