Aat Ceelen

Aat Ceelen (Rotterdam, 1950) is schrijver, acteur en regisseur. Hij is verbonden aan toneelgroep Orkater en onlangs verscheen zijn roman King – Een komedie.

Wat is uw huidige gemoedstoestand?

Opgewekt chagrijnig. Het is niet alleen mijn huidige, maar ook mijn dagelijkse gemoedstoestand. Ik bezit een gelijkmatige natuur. In diepste wezen vind ik alles waardeloos, het leven een ramp, het bestaan vervuld van angst en lijden, en daarbovenop nog zinloos ook.

Wie zijn uw helden?

Ik heb een hekel aan helden. Ze steken ons – de sukkels – de ogen uit. Altijd maar aandacht trekken en mensen redden. Helden hebben ook vaak dik en veel haar dat altijd precies goed zit. Dit in tegenstelling tot mijn haren.

Aan wie ergert u zich?

Ik vermijd mensen aan wie ik me zou kunnen ergeren. Zoals mensen die langer zijn dan ik of mannen met grote auto’s en vrouwen met versierde fietsen.

Lijkt u op uw moeder?

Van haar heb ik het diepe, van mijn vader het oppervlakkige.

Wat zijn uw dagdromen?

Een hoge kamer met een bed, een tafel en een stoel. En een raam met uitzicht op zee. Ik schrijf en een zwijgzame vrouw met een zachte tred legt zo nu en dan een koele hand in mijn hals.

Bidt u weleens?

Nee, je kan wel blijven lullen.

Heeft u ooit een mystieke ervaring gehad?

Drie dagen na haar dood verscheen mijn moeder aan mij op de hoek van de Westersingel en de Westerstraat terwijl ik op een terras zat. Ze was gekleed in een gewaad van licht en zei: “Het is goed.” Ze deelde me het gewoon mede en bedoelde vast dat ik me nergens zorgen om moest maken.

Bent u aantrekkelijk?

Voor sommigen wel. Ik weet de juiste strijkages te maken en verwen de vrouwen met cadeaus, zoals een mooie hoofddoek met de Eiffeltoren erop, of een fles eau de cologne.

Als u iets aan uzelf zou kunnen veranderen, wat zou dat dan zijn?


Ik zou wel weer haar op mijn kop willen hebben.

Bent u monogaam?

Ik ben vrijgezel.

Wat is uw definitie van geluk?

Wanneer alles in balans is, nergens geouwehoer over is en er een verwachtingsvolle gevoels- en gedachtenkring in de lucht hangt van een kunstwerk of enig ander geestesproduct.

Lijkt u op uw vrienden?

Nee, mijn vrienden zijn heel sociale mensen. Ik ben een egocentrische ellendeling.

Waar schaamt u zich voor?

Lang geleden kwam ik eens dronken thuis en trof ik mijn kat brakend aan. Ik nam aan dat hij wat gras gegeten had en een haarbal moest lozen. Niet veel aan de hand dus. Ik ging naar bed en stond de volgende dag laat op. Ik liep de trap af en beneden op de mat lag de kat te stuipen. Precies op het moment dat ik ‘m op pakte, stak die de moord. Dood. Hij werd meteen stijf. Het arme beest moet de hele nacht hebben gecrepeerd.

Wie is uw grootste liefde?

Ooit had ik een grote liefde, maar ze heeft me verlaten.

Wat is uw grootste ondeugd?

Drank. Ik zou wel elke dag van zonsondergang tot zonsopgang willen drinken. En dan van zonsopgang tot zonsondergang slapen. Het deugdelijke aan deze ondeugd is dat ik niet gulzig drink en ik met dat slapen niemand in de weg loop.

Hoe moedig bent u?

In fysieke zin kan ik heel hard lopen. In geestelijke zin laat ik me niet snel uit het veld slaan.

Wanneer was u het gelukkigst?

Op de ochtend van de vijfde december, 1957. Ik werd wakker en op de radio klonk een sinterklaasliedje. Mijn moeder kookte pap – dat rook ik. Ik hoefde nog niet op te staan. De verwachting van de dag en het heerlijk avondje overweldigde mij.


Welke eigenschap waardeert u in een man?

Dat ze nergens een been in zien. Mannen zijn sukkels en ellendelingen.

Welke eigenschap waardeert u in een vrouw?

Dat mooie kleding ze zo goed staat en hun vermogen van de grootste sukkels en ellendelingen te houden.

Wat is uw dierbaarste bezit?

Ik bezit niets dat ik ook niet zo weg kan doen.

Wanneer heeft u voor het laatst gehuild?

Drie jaar geleden in Barcelona. Ik dronk een kop koffie op een terras op dezelfde plek waar ik dat precies dertig jaar eerder ook had gedaan. Ik kwam tot het besef dat ik in die dertig jaar niks opgeschoten was, dat ik nog altijd dezelfde sukkel was. Dit bracht tranen in mijn ogen. Even later had ik me alweer met dit feit verzoend.

Wat is uw grootste prestatie?

Dat ik zonder enige intellectuele of artistieke achtergrond toch nog acteur, regisseur en schrijver geworden ben.

Wat is uw grootste mislukking?

Mijn overleden kat.

Gelooft u in God?

God is mij te groot.

Welk leed heeft u anderen berokkend?

Ik maakte het bij mij thuis eens uit met een vriendin. Hartverscheurend was het, zoals ze huilde. Ze ging naar huis en later op de avond belde ik haar op om te vragen hoe ‘t ging. Niks meer aan de hand. Ze vertelde dat haar verdriet pre-cies zo lang had geduurd als de wandeling naar haar huis. Ze woonde bij mij om de hoek.

Wat is de beste plek om te wonen?

Rotterdam.

Hoe is ongeluk te vermijden?

Verwacht niet te veel.

Wat is uw devies?

Die Tiefe muss man verstecken. Wo? An der Oberfläche.

Meer leuke content? Like ons op Facebook

Ernest Marx, foto Jos Lammers